| |
(Ga met de muis op een tekstverwijzing staan, dan ziet u de tekst)
1 En heel het land had één taal en dezelfde woorden.
2 En het gebeurde op hun reis van het oosten, dat zij een vallei vinden in het land Shinar. En zij verblijven daar.
3 En zij zeggen, de man tot zijn naaste: "Let op! Laten wij tichels*1) vormen en ze bakken met een vuur." En de tichel wordt hen tot steen en de teer werd voor hen tot metselspecie.
4 En zij zeggen: "Let op! Wij zullen voor ons een stad bouwen en een toren, met de top daarvan in de hemelen. En wij zullen voor ons een naam maken, opdat wij niet verstrooid worden over het oppervlak van heel het land."
5 En Jahweh daalt neer om de stad en de toren te zien, die de zonen van de mens bouwen.
6 En Jahweh zegt: "Het is één volk en er is één taal voor hen allen. En dit zijn zij begonnen te doen. En nu zal niets voor hen beperkt worden, al wat zij voornemen te doen.
7 Let op! Wij zullen afdalen en Wij zullen hun taal uiteen doen vallen, zodat een man niet de taal van zijn naaste zal verstaan."
8 En Jahweh verstrooit hen van daar over de oppervlakten van heel het land, en zij hielden op de stad te bouwen.
9 Daarop gaf Hij haar de naam , omdat Jahweh daar de taal van heel het land had uiteen had doen vallen. En van daar verstrooide Jahweh hen over de oppervlakten van heel het land.
10 En dit zijn de documenten van . was honderd jaren zoon en hij verwekte Arfachsad, twee jaren na de vloed.
11 En leeft na het verwekken van vijfhonderd jaren en hij verwekt zonen en dochters.
12 En leefde vijfendertig jaren en hij verwekt .
13 En leeft na zijn verwekken van vierhonderdendrie jaren en hij verwekt zonen en dochters.
14 En leefde dertig jaren en hij verwekt .
15 En leeft na zijn verwekken van vierhonderdendrie jaren en hij verwekt zonen en dochters.
16 En leeft vierendertig jaren en hij verwekt .
17 En leeft na zijn verwekken van vierhonderdendertig jaren en hij verwekt zonen en dochters.
18 En leeft dertig jaren en hij verwekt .
19 En leeft na zijn verwekken van tweehonderdennegen jaren en hij verwekt zonen en dochters.
20 En leeft tweeendertig jaren en hij verwekt .
21 En leeft na zijn verwekken van tweehonderdenzeven jaren en hij verwekt zonen en dochters.
22 En leeft dertig jaren en hij verwekt .
23 En leeft na zijn verwekken van tweehonderd jaren en hij verwekt zonen en dochters.
24 En leeft negenentwintig jaren en hij verwekt .
25 En leeft na zijn verwekken van honderdnegentien jaren en hij verwekt zonen en dochters.
26 En leeft zeventig jaren en hij verwekt , en .
27 En dit zijn de documenten van . verwekte , en . En verwekte .
28 En stierf voor de ogen van , zijn vader, in het land van zijn kindschap, in Ur der Chaldeeën.
29 En en nemen zich vrouwen. De naam van de vrouw van is en de naam van de vrouw van is , de dochter van , de vader van en de vader van .
30 En was onvruchtbaar. Er is voor haar geen kind.
31 En neemt , zijn zoon, en , de zoon van , de zoon van zijn zoon, en , zijn schoondochter, de vrouw van zijn zoon , en zij trekken met hem weg van Ur der Chaldeeën om te gaan in de richting van het land . En zij komen zo ver als en zij verblijven daar.
32 En de dagen van worden tweehonderdenvijf jaren. En sterft in .
*1) Tichels - vierkante of rechthoekige vormen van klei.
Terug naar de indexpagina
Naar Genesis 12
|
|