| |
(Ga met de muis op een tekstverwijzing staan, dan ziet u de tekst. Klik op "Commentaar" en u krijgt een stukje tekst dat slaat op dit vers)
1 De menigten nu ziende* steeg* Hij de berg op en toen Hij gezeten* was kwamen* Zijn discipelen naar Hem toe.
[Commentaar]
[Commentaar]
2 En Zijn mond openende*, leerde Hij hen, zeggende:
3 "Gelukzalig zijn de armen naar °geest, want van hen is het koninkrijk van de hemelen.
4 Gelukzalig zijn de rouwenden, want zij zullen bemoedigd worden.
[Jes. 61:2,3]
5 Gelukzalig zijn de zachtmoedigen, want zij zullen lotdeelgenieters van het land zijn.
[Psalm 37:11]
[Commentaar]
6 Gelukzalig zijn de hongerigen en de dorstenden naar rechtvaardigheid, want zij zullen tevreden gesteld worden.
7 Gelukzalig zijn de genadevollen, want hen zal genade betoond worden.
[Jak. 2:13]
8 Gelukzalig zijn de zuiveren van hart, want zij zullen God zien.
[Psalm 24:3,4]
9 Gelukzalig zijn de vredestichters, want zij zullen zonen van God genoemd worden.
[Hebr. 12:14]
10 Gelukzalig zijn die vervolgd worden omwille van rechtvaardigheid, want van hen is het koninkrijk van de hemelen.
[1Petr. 3:14]
11 Gelukzalig zijn jullie wanneer zij jullie zullen verwijten* en jullie zullen vervolgen* en, valselijk, van jullie alle kwaad zullen zeggen*, omwille van Mij.
[1Petr. 4:14]
12 Verheugt je en jubelt, want jullie °loon in de hemelen is groot, want daarom vervolgen* zij de profeten vóór jullie.
[Hand. 7:52]
[Commentaar]
13 Jullie zijn het zout van de Aarde. Indien nu het zout smakeloos gemaakt* zou worden, waarin zal het dan gezouten worden? Want niets is nog nuttig, dan om buiten geworpen* te worden om vertrapt te worden door de mensen.
[Luc. 14:34,35]
[Commentaar]
14 Jullie zijn het licht van de wereld. Het is niet mogelijk een stad te verbergen*, liggende op een berg.
[Joh. 8:12]
[Commentaar]
15 Noch branden zij een lamp, en plaatsen deze onder de korenmaat, maar op de kandelaar en hij schijnt voor allen die in het huis zijn.
[Mar. 4:21]
16 Laat zo jullie °licht schijnen* voor de mensen, zodat zij de goede werken van jullie zullen waarnemen* en jullie °Vader, Die in de hemelen is, zouden verheerlijken*.
[Efe. 5:8,9]
17 Jullie zouden niet moeten beweren* dat Ik kwam om de wet af te breken* of de profeten. Ik kwam* niet om af te breken*, maar om te vervullen*.
[Rom. 3:31]
[Commentaar]
18 Want zeker, Ik zeg jullie, tot ooit de hemel en de Aarde voorbij zal gaan*, zal geen jota of tittel van de wet voorbij gaan*, totdat alles gebeurd zal zijn.
[Luc. 16:17]
[Commentaar]
19 Wie dan ooit een van deze °minste aanwijzingen teniet zou doen* en zo de mensen zou onderwijzen*, hij zal 'minste' genoemd worden in het koninkrijk van de hemelen. Doch wie deze zou doen* en zou onderwijzen*, zal 'groot' genoemd worden in het koninkrijk van de hemelen.
[Commentaar]
20 Want Ik zeg tot jullie dat indien jullie rechtvaardigheid niet zou overvloeien*, meer dan van de Schriftgeleerden en de Farizeeën, jullie niet zullen binnen gaan* in het koninkrijk van de hemelen.
21 Jullie horen* dat aan de ouden gezegd* was: "Jij zal niet moorden." Doch wie ooit zou moorden* zal blootgesteld worden aan het oordeel.
[Lev. 24:17]
[Commentaar]
22 Doch Ik zeg tot jullie dat iedereen die boos is op zijn °broer, blootgesteld zal worden aan het oordeel. En wie ooit tot zijn °broer zal zeggen* 'Raka!' zal blootgesteld worden aan het Sanhedrin. En wie ooit zal zeggen* 'Stommeling!' zal blootgesteld worden aan het Gehenna van het vuur.
[1Joh. 3:15]
[Commentaar]
23 Indien dan jij je °geschenk zult offeren op het altaar en jij herinnerd* zou worden dat jouw °broer iets tegen jou heeft,
[Commentaar]
24 laat jouw °geschenk daar, voor het altaar, en ga weg. Wees eerst verzoend met jouw °broer en kom dan om jouw °geschenk te offeren.
25 Wees snel goedgezind met jouw tegenpartij, terwijl je met hem op weg bent, opdat de tegenpartij jou niet op enig moment aan de rechter zal overleveren* en de rechter aan de dienaar, en jij in de gevangenis geworpen zult worden.
[Commentaar]
26 Amen, Ik zeg jou: jij zal daaruit zeker niet komen* totdat jij eens de laatste quadrant betaald* zult hebben.
[Luc. 12:58,59]
27 Jullie horen* dat verklaard* was: 'Jij zal niet overspel plegen.'
[Ex. 29:14]
[Commentaar]
28 Doch Ik zeg tot jullie, dat een ieder die een vrouw aanziet om haar te begeren*, al met haar overspel pleegt* in zijn °hart.
29 Indien nu jouw °rechter oog je tot val is, ruk* het uit en werp* het van je, want het is voor jou raadzaam dat een van jouw leden wordt vernietigd* en niet heel jouw °lichaam in Gehenna zal worden geworpen*.
30 En indien jouw °rechter hand je tot val is, sla* hem af en werp* hem van je, want het is raadzaam voor jou dat een van jouw leden wordt vernietigd* en niet heel jouw °lichaam in Gehenna voorbij zal gaan*.
[Mar. 9:43-47]
31 Nu werd er verklaard*: 'Wie ooit zijn °vrouw zal wegzenden*, laat hem haar een scheiding geven*.'
[Deut. 24:1]
[Commentaar]
32 Doch Ik zeg tot jullie dat een ieder die zijn °vrouw wegzendt, anders dan in het geval van prostitutie, er voor zorgt dat zij overspel pleegt*. En indien iemand zou trouwen* met de weggezondene, die pleegt overspel.
[Mar. 10:11,12]
33 Opnieuw: jullie horen* dat verklaard* was aan de ouden: 'Jij zal geen meineed plegen, maar jij zal jouw eden aan de Heer houden.'
[Lev. 19:12]
[Commentaar]
34 Doch Ik zeg tegen jullie absoluut niet te zweren*, noch bij de hemel, want dat is de troon van °God, [Hand. 7:49]
[Commentaar]
35 noch bij de Aarde, want het is Zijn °voetenbank, noch bij Jeruzalem, want het is de stad van de grote Koning, [Jes. 66:1] -
[Psalm 48:3]
36 noch bij jouw °hoofd zou jij moeten zweren*, want jij bent niet in staat een haar wit te maken* of zwart.
37 Doch laat jouw °woord ja, ja, nee, nee zijn. Het boven deze nu is van de boze.
[2Kor. 1:17]
38 Jullie horen* dat verklaard* was 'oog om oog' en 'tand om tand',
[Ex. 21:24,25]
[Commentaar]
39 doch Ik zeg jullie de boze niet te weerstaan*, maar wie jou op de rechter wang slaat, keer* hem ook de andere toe!
[Commentaar]
40 En hij die wil dat jij wordt geoordeeld* en jouw °tuniek wil krijgen*, laat* hem ook de mantel!
[1Kor. 6:7]
41 En dwingt iemand jou een mijl mee te gaan, ga met hem twee.
42 Aan wie van jou vraagt, geef*! En van die van jou wil lenen* zul jij niet wegdraaien*.
43 Jullie horen* dat verklaard* was: 'Jij zal jouw °naaste liefhebben en jouw °vijand zul je haten.'
[Lev. 19:18]
[Commentaar]
44 Doch Ik zeg tot jullie 'Hebt jullie °vijanden lief en bidt voor die jullie vervolgen,'
[Ex. 23:4,5] -
[Rom. 12:14]
[Commentaar]
45 zodat jullie zonen zullen worden* van jullie Vader, Die in de hemelen is, want Zijn zon rijst over bozen en goeden en het regent over rechtvaardigen en onrechtvaardigen.
46 Want indien jullie zouden liefhebben* die jullie liefhebben, welk loon hebben jullie? Doen ook de tollenaars niet hetzelfde?
47 En indien jullie alleen jullie °broers zouden groeten*, wat doen jullie meer? Doen zij van de natiën niet hetzelfde?
48 Jullie dan zullen perfect zijn, zoals jullie °hemelse °Vader perfect is.
Terug naar de index.
Naar Mattheüs 6
|
|