| |
(Ga met de muis op een tekstverwijzing staan, dan ziet u de tekst. Klik op "Commentaar" en u krijgt een stukje tekst dat slaat op dit vers)
1 En als zij naderen* bij Jeruzalem en kwamen* in Bethfage, op de Olijfberg, toen zond* Jezus twee discipelen,
[Commentaar]
[Commentaar]
2 tot hen zeggend: "Ga in het dorp dat tegenover jullie ligt en jullie zullen onmiddellijk een ezelin vinden, vastgebonden, met haar veulen. Maakt* ze los en brengt* ze bij Mij.
3 En indien iemand iets tot jullie zou zeggen*, zul jij verklaren: 'De Heer heeft ze nodig.' En hij zal ze direct zenden.
4 Dit nu is gebeurd opdat het door de profeet verklaarde* vervuld* zal worden, zeggend:
[Commentaar]
5 'Zegt* tot de dochter van Sion: Zie*, jouw koning komt naar jou, zachtmoedig, en zittend op een ezelin en op een veulen, de zoon van een ezel.'"
[Jes. 62:11] -
[Zach. 9:9]
[Commentaar]
6 De discipelen nu, gegaand* zijnde en doende* zoals °Jezus voor hen geregeld* had,
7 leidden* de ezelin en het veulen en zij plaatsen* op hen de klederen. En Hij zit* op hen.
8 De meesten nu van de menigte spreiden* hun kleding op de weg. En anderen sloegen takken van de bomen en spreidden die op de weg.
[Commentaar]
9 De menigten nu gingen Hem voor, en die volgden riepen: "Hosanna*1) aan de Zoon van David! Weest gezegend Die komt in de Naam van de Heer! Hosanna te midden van de hoogsten!"
[Psalm 118:26]
[Commentaar]
10 En bij Zijn binnengaan* van Jeruzalem, werd heel de stad bewogen*, zeggend: "Wie is dit?"
[Commentaar]
11 En de menigten zeiden: "Dit is de profeet Jezus, van Nazareth in Galilea."
12 En Jezus ging* het heiligdom binnen en Hij werpt* alle verkopenden en kopenden in het heiligdom er uit en de tafels van de geldwisselaars en de stoelen van de duivenverkopers gooit* Hij omver.
[Commentaar]
[Commentaar]
13 En Hij zegt tot hen: "Er is geschreven: 'Mijn °huis zal een huis van gebed genoemd worden', maar jullie maken het tot een rovershol."
[Jes. 56:7] -
[Jer. 7:11]
[Commentaar]
14 En blinden en lammer benaderen* Hem in het heiligdom en Hij geneest* hen.
[Commentaar]
15 De hogepriesters nu en de Schriftgeleerden, de wonderen waarnemend* die Hij doet* en de jongens, schreeuwend in het heiligdom en zeggend: "Hosanna aan de Zoon van David," nemen* dit hoog op
[Commentaar]
16 en zeggen* tot Hem: "Hoor jij wat dezen zeggen?" Doch °Jezus zegt tot hen: "Jawel. Lazen* jullie nooit dat 'Uit de mond van minderjarigen en van zuigelingen bereidt* U lof?"
[Psalm 8:2]
[Commentaar]
17 En hen verlatend* ging* Hij de stad uit, in Bethanië en Hij logeerde* daar.
18 In de morgen nu, hen terug leidend in de stad, kreeg* Hij honger.
[Commentaar]
19 En een vijgenboom waarnemend* langs de weg, kwam* Hij bij haar en vond* niets in haar dan alleen bladeren. En Hij zegt tot haar: "Er zal niet langer vrucht van jou komen* in de aion." En de vijgenboom verdorde* onmiddellijk.
[Luc. 13:6]
[Commentaar]
20 En dit waarnemend*, verwonderen* de discipelen zich, zeggend: "Hoe onmiddellijk is de vijgenboom verdord*!"
[Commentaar]
21 Antwoordend* nu zei* °Jezus tot hen: "Amen! Ik zeg tot jullie, indien jullie geloof hebben en niet zullen twijfelen*, zullen jullie niet alleen dat van de vijgenboom doen, maar indien jullie tot deze berg zouden zeggen*: 'Wordt opgenomen* en wordt in de zee geworpen*!', het zal gebeuren.
[Luc. 17:6]
[Commentaar]
22 En alles wat jullie ook zullen vragen* in het gelovig gebed, zullen jullie krijgen."
[Joh. 14:13.14]
[Commentaar]
23 En bij Zijn komen* in het heiligdom, benaderden* Hem, terwijl Hij leerde, de overpriesters en de oudsten van het volk, zeggend: "In welk gezag doet U deze dingen en wie geeft* U dit °gezag?"
[Commentaar]
[Commentaar]
24 Antwoordend* nu zei* °Jezus tot hen: "Ook Ik zal jullie een woord vragen. Indien jullie Mij dat dat kunnen zeggen*, zal Ik ook jullie verklaren in welk gezag Ik deze dingen doe.
25 De doop, die van Johannes, vanwaar was die? Uit de hemel of uit de mensen?" Dezen nu overlegden met elkaar, zeggend: "Indien wij zullen zeggen* 'Uit de hemel', zal Hij ons verklaren: 'Waarom geloven* jullie hem dan niet?'
[Joh. 1:33]
26 Doch indien wij zullen zeggen* 'Uit de mensen', moeten wij de menigte vrezen, want allen houden Johannes voor een profeet."
[Matt. 14:5]
[Commentaar]
27 En °Jezus antwoordend* zeiden* zij: "Wij hebben het niet waargenomen." En Hij verzekerde hen: "Dan zeg Ik ook niet in welk gezag Ik deze dingen doe.
28 Wat denken jullie nu? Een mens had twee kinderen. En de eerste benaderend*, zei* hij: 'Kind, ga, werk vandaag in de wijngaard.'
[Matt. 20:1]
[Commentaar]
29 Doch hij, antwoordend*, zei*: 'Ik wil niet.' Maar daarna spijt hebbend*, ging* hij.
30 Nu de andere benaderend*, zei* hij hetzelfde en deze nu, antwoordend*, zei*: 'Ik ga heer!' En hij ging* niet.
31 Wie van de twee doet* de wil van de vader?" Zij zeggen: "De eerste." °Jezus zegt tot hen: "Amen! Ik zeg tot jullie dat de tollenaars en de prostituees jullie zullen voorgaan in het koninkrijk van °God.
[Commentaar]
32 Want Johannes kwam* tot jullie in de weg van rechtvaardigheid en jullie geloven* hem niet. Doch de tollenaars en de prostituees geloven* hem. Jullie nu, het waarnemend*, hebben daarna nog geen spijt gekregen*, om hem te geloven*.
[Luc. 3:12]
[Commentaar]
33 Hoort* een andere gelijkenis! Een mens was huiseigenaar, die een wijngaard plant* en plaatst* rondom een omheining en graaft* er een trog in en bouwt* een toren en verhuurde* ze aan boeren en reist* af.
[Jes. 5:1,2] -
[Efe. 2:14]
[Commentaar]
34 Toen nu het seizoen van de vruchten naderde*, zendt* hij zijn °slaven naar de boeren om zijn °vruchten te krijgen*.
35 En de boeren, zijn °slaven nemend*, ja, zij geselen* één, en zij doden* één en zij stenigen* één.
[Matt. 22:6]
[Commentaar]
36 En hij zendt* andere slaven, meer dan de eersten. En zij doen* met hen hetzelfde.
37 En daarna zendt* hij zijn °zoon tot hen, zeggende: 'Zij zullen mijn °zoon respecteren.'
38 Doch de boeren, de zoon waarnemend*, zeiden* onder elkaar: 'Dit is de lotdeelgenieter! Komt! Wij zullen hem doden en wij zullen zijn lotdeel hebben*!'
39 En hem nemend*, werpen* zij hem uit de wijngaard en zij doden* hem.
[Hebr. 13:12]
[Commentaar]
40 Wanneer dan de heer van de wijngaard zal komen*, wat zal hij die boeren doen?"
41 Zij zeggen tot Hem: "Kwade mensen! Kwadelijk zal hij hen vernietigen en de wijngaard zal hij aan andere boeren verhuren, die hem de vruchten in hun seizoenen zullen geven."
[Commentaar]
42 °Jezus zegt tot hen: "Hebben jullie nooit in de Schriften gelezen*: 'De steen die de bouwers verwerpen*, deze was geworden* tot hoofd van de hoek.' Dit kwam* van de Heer en het is wonderlijk in onze ogen?
[Psalm 118:22]`
[Commentaar]
[Commentaar]
43 Daarom zeg Ik tot jullie dat het koninkrijk van °God van jullie zal worden weggenomen en zal gegeven worden aan een natie, voortbrengende haar °vruchten.
44 En die valt* over deze °steen zal verbrijzeld worden, en op wie hij zal vallen*, die zal gezift worden."
[Dan. 2:34,35,44,45]
[Commentaar]
45 En de overpriesters en de Farizeeën, Zijn gelijkenissen horend*, wisten* dat Hij over hen sprak.
[Commentaar]
46 En pogend Hem vast te nemen*, waren* zij bang voor de menigten, aangezien zij Hem voor een profeet hielden.
[Matt. 14:5]
Noot:
*1) Hosanna. In het Hebreeuws zijn het twee woorden: Hosha Na. Het eerste betekent "redding, verlossing" (verwant aan Moshiach ofwel Messias) en het tweede "alstublieft." Wordt ook wel vertaald met "Help nu!" of "Help toch!"
Terug naar de index.
Naar Mattheüs 22
|
|