| |
(Ga met de muis op een tekstverwijzing staan, dan ziet u de tekst. Klik op "Commentaar" en u krijgt een stukje tekst dat slaat op dit vers)
1 En na zes dagen neemt °Jezus °Petrus en °Jakobus en °Johannes, Zijn broer, terzijde en brengt hen op een hoge berg, alleen.
[Commentaar]
[Commentaar]
2 En Hij werd voor hen omgevormd* en Zijn °gezicht schijnt* als de zon, doch Zijn °kleding werd wit* als het licht.
[2Pet. 1:16]
3 En zie*, Mozes en Elia werden door hen gezien*, met Hem overleggend.
[Commentaar]
4 Antwoordend* nu, zei* °Petrus tot °Jezus: "Heer, het is goed voor ons hier te zijn! Indien U het wil, zal ik hier drie tabernakels maken, een voor U en een voor Mozes en een voor Elia."
5 Terwijl hij nog spreekt, zie*, een lichtgevende wolk overschaduwt* hen, en zie*, een stem uit de wolk, zeggend: "Dit is Mijn °Zoon, de Geliefde, in Wie Ik een welbehagen heb*! Hoort naar Hem!"
[Gen. 22:2] - [Deut. 18:15]
[Commentaar]
6 En het horende*, vielen* de discipelen op hun gezicht en zij werden* vreselijk bang.
7 En °Jezus naderde* en, hen aanrakend*, zei*: "Staat* op en weest niet bang!"
8 En hun °ogen openend*, namen* ze niemand waar dan °Jezus, alleen Hem.
9 En bij hun afdalen van de berg, richt* °Jezus Zich tot hen, zeggend: "Jullie mogen niemand over dit gezicht vertellen*, totdat de Zoon van de mens uit de doden zal zijn opgewekt*."
[Matt. 16:20]
[Commentaar]
10 En Zijn °discipelen vragen* Hem, zeggend: "Waarom, dan, zeggen de Schriftgeleerden dat Elia eerst moet komen*?"
[Mal. 4:5,6]
[Commentaar]
11 En Hij, antwoordend*, zei*: "Elia komt zeker en zal alles herstellen.
[Commentaar]
12 Doch Ik zeg tot jullie dat Elia al kwam* en zij herkenden* hem niet, maar zij doen* met hem al wat zij willen. Zo staat ook de Zoon van de mens op het punt door hen te lijden."
[Commentaar]
[Commentaar]
13 Dan begrijpen* de discipelen dat Hij tot hen sprak* over Johannes de Doper.
[Luc. 1:17]
14 En bij de menigte komend*, benadert* een man Hem, voor Hem op de knieën vallend,
[Commentaar]
15 en zeggend: "Heer, heb mededogen* met mijn °zoon, want hij is maanziek1) en lijdt zwaar, want hij valt vele malen in het vuur en vele malen in het water!
16 En ik breng* hem bij Uw °discipelen en zij waren* niet in staat hem te genezen*."
[Commentaar]
17 Antwoordend* nu, zei* °Jezus: "O, ongelovig en koppig geslacht! Tot wanneer zal Ik bij jullie zijn? Tot wanneer zal Ik jullie tolereren? Brengt hem hier bij Mij!"
[Deut. 32:5,20]
18 En °Jezus berispt* hem en de demon kwam* uit hem en de jongen was genezen* vanaf dat uur.
[Joh. 4:52,53]
19 Toen, zeiden* de discipelen, alleen tot °Jezus naderend*: "Waarom waren* wij niet in staat hem uit te werpen*?"
[Commentaar]
20 Hij nu zegt tot hen: "Vanwege jullie °klein-geloof. Amen! Want Ik zeg tot jullie, indien jullie geloof hebben als een mosterdzaadje, zouden jullie tot deze °berg zeggen 'Ga* van hier naar daar,' en hij zal gaan! En niets zal voor jullie onmogelijk zijn."
[Mar. 11:23]
[Commentaar]
21 (geen vers 21)
22 Bij hun samenzijn in °Galilea nu, zei* °Jezus tot hen: "De Zoon van de mens staat op het punt overgegeven te worden in de handen van mensen,
[Commentaar]
[Commentaar]
23 en zij zullen Hem doden en op de derde dag zal Hij worden opgewekt." En zij waren* vreselijk verdrietig.
[Matt. 16:21]
24 Bij hun komst* nu in Kapernaüm, benaderen* zij die de dubbele drachma ontvingen Petrus en zij zeggen*: "Jullie °leraar, draagt hij de dubbele drachma niet bij?"
[Ex. 30:13]
[Commentaar]
25 Hij zegt: "Jawel." En in het huis komend*, houdt* °Jezus hem tegen, zeggend: "Wat denk je, Simon? De koningen van de Aarde, van wie krijgen zij bijdragen of gemeentebelasting? Van hun °zonen of van de vreemdelingen?"
26 En Hij zegt*: "Van de vreemdelingen." °Jezus beweert tot hem: "Dientengevolge zijn de zonen zeker vrijen.
27 Doch opdat wij hen niet zouden valstrikken*, ga*, werp* een vishaak in de zee en neem* de eerste opstijgende* vis en open* zijn °mond. Jij zal een stater vinden. Neem* die. Geef* hem voor Mij en jou."
1) Maanziek - waarschijnlijk epileptisch
Terug naar de index.
Naar Mattheüs 18
|
|