Dit is een eigen Het Beste Nieuws vertaling van
Mattheüs
Hoofdstuk 17

   
(Ga met de muis op een tekstverwijzing staan, dan ziet u de tekst.
Klik op "Commentaar" en u krijgt een stukje tekst dat slaat op dit vers)



1 En na zes dagen neemt °Jezus °Petrus en °Jakobus en °Johannes, Zijn broer, terzijde en brengt hen op een hoge berg, alleen. [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

1-9

Vergelijk met Markus 9:2; Lukas 9:28-36.

[Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

1

Dit was niet slechts een gedaanteverandering, het was een omvorming. Satan is, op dit moment, gedaante-veranderd in een boodschapper van licht (2Kor. 11:14). Wij zouden omgevormd moeten zijn door de vernieuwing van ons denken (Rom. 12:2). Gedaanteverandering houdt zich bezig met een tijdelijke zaak. Omvorming is de blijvende verschijning. Het vlees van onze Heer was een voile of een gordijn, dat Zijn aangeboren schittering verborg. Op de berg scheen de heerlijkheid zo krachtig, dat ze zichtbaar werd voor sterfelijke ogen.


2 En Hij werd voor hen omgevormd* en Zijn °gezicht schijnt* als de zon, doch Zijn °kleding werd wit* als het licht. [2Pet. 1:16]
3 En zie*, Mozes en Elia werden door hen gezien*, met Hem overleggend. [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

3

Het geheim betreffende Mozes’ lichaam en de overzetting van Elia verklaart hun aanwezigheid hier. Hoewel dit een koninkrijks-scene is, is het ook een voorbereiding voor de “exodus” die Hij op het punt stond te voltooien in Jeruzalem (Luk. 9:31). Het toneeltje was heerlijkheid, maar het thema was schande. Daarom zien we niet David op de heilige berg, maar Mozes, de grote bemiddellaar, die de exodus uit Egypte leidde, en die zoveel schreef wat betrekking had op Zijn offer; en we zien Elia, de vooraanstaande profeet, die moet komen voordat het koninkrijk een voldongen feit is. Deze mannen sympathiseerden met het lijden dat voor Hem stond, maar Petrus had nog niet de les geleerd. Hij wilde dit tot een permanent vertoon maken en zo het kruis omzeilen. Maar hij plaatst Mozes en Elia dwaas in dezelfde klasse als onze Heer. Net als Israel’s ongeloofde hoop op het koninkrijk verjaagde, zo trekken nu zijn woorden een wolk aan en de heerlijkheid verdween.


4 Antwoordend* nu, zei* °Petrus tot °Jezus: "Heer, het is goed voor ons hier te zijn! Indien U het wil, zal ik hier drie tabernakels maken, een voor U en een voor Mozes en een voor Elia."
5 Terwijl hij nog spreekt, zie*, een lichtgevende wolk overschaduwt* hen, en zie*, een stem uit de wolk, zeggend: "Dit is Mijn °Zoon, de Geliefde, in Wie Ik een welbehagen heb*! Hoort naar Hem!" [Gen. 22:2] - [Deut. 18:15] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

5

Zie Markus 1:11; 2Petrus 1:16-18; Jesaja 42:1.


6 En het horende*, vielen* de discipelen op hun gezicht en zij werden* vreselijk bang.
7 En °Jezus naderde* en, hen aanrakend*, zei*: "Staat* op en weest niet bang!"
8 En hun °ogen openend*, namen* ze niemand waar dan °Jezus, alleen Hem.
9 En bij hun afdalen van de berg, richt* °Jezus Zich tot hen, zeggend: "Jullie mogen niemand over dit gezicht vertellen*, totdat de Zoon van de mens uit de doden zal zijn opgewekt*." [Matt. 16:20] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

9

Zelfs tijdens de bediening van onze Heer kon het koninkrijk niet verkondigd worden, omdat Hij verworpen was. Hij werd nog een keer verworpen door de natie, dat werd opgeschreven in het boek Handelingen,; daarom is de koninkrijksverkondiging nogmaals tijdelijk opgeschort.


10 En Zijn °discipelen vragen* Hem, zeggend: "Waarom, dan, zeggen de Schriftgeleerden dat Elia eerst moet komen*?" [Mal. 4:5,6] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

10

Hoewel Johannes de Doper niet Elia was, die waarschijnlijk een van de twee getuigen zal zijn in de eindtijd (Openb. 11:3-12), kwam hij in de geest en kracht van Elia (Luk. 1.17), en kon hij zijn opdracht uitgevoerd hebben indien het volk klaar had gestaan om hem te ontvangen.


11 En Hij, antwoordend*, zei*: "Elia komt zeker en zal alles herstellen. [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

11

Zie Lukas 1:16-17; Handelingen 3:21.


12 Doch Ik zeg tot jullie dat Elia al kwam* en zij herkenden* hem niet, maar zij doen* met hem al wat zij willen. Zo staat ook de Zoon van de mens op het punt door hen te lijden." [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

12-13

Zie 14:3-10; 11:14.

[Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

12

Johannes de Doper kwam in de geest en kracht van Elia, maar zonder diens machtige daden. Hij riep geen vuur naar beneden over zijn vijanden, noch sloot hij de hemel, zoals Elia deed (1Kon. 17:1), en zoals hij opnieuw zal doen wanneer hij weer verschijnt als een van de twee getuigen (Openb 11.6). Het profetisch getuigenis sluit met de voorzegging dat hij opnieuw moet verschijnen “eer dat die grote en die vreselijke dag des HEEREN komen zal.”(Mal. 4:5-SV).


13 Dan begrijpen* de discipelen dat Hij tot hen sprak* over Johannes de Doper. [Luc. 1:17]
14 En bij de menigte komend*, benadert* een man Hem, voor Hem op de knieën vallend, [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

14-18

Vergelijk met Markus 9:14-27; Lukas 9:37-42.


15 en zeggend: "Heer, heb mededogen* met mijn °zoon, want hij is maanziek1) en lijdt zwaar, want hij valt vele malen in het vuur en vele malen in het water!
16 En ik breng* hem bij Uw °discipelen en zij waren* niet in staat hem te genezen*." [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

16

Er zijn aanduidingen te over in deze periode van de bediening van onze Heer die wijzen naar een tijdelijk falen van het koninkrijksgetuigenis. Toen de discipelen alleen waren achter gebleven met een epileptisch Israel, in de Pinkstertijd, vonden zij het onmogelijk ze te genezen, vanwege gebrek aan geloof. De genezing zal niet uitgevoerd worden tot Zijn terugkeer. Indien zij maar een greintje geloof zouden hebben, zouden ze de berg van Romeinse suprematie direct ver van hen verwijderd kunnen hebben en er voor in de plaats de berg van Jahweh gezet hebben. Alle toekomstig geluk van het koninkrijk was bij God bekend, en, in Zijn onnavolgbare wijze, geeft Hij ons een vooruitblik van de geschiedenis er van door de voile van ongeloof, net als een glimpje van de heerlijkheid er van, op de bergtop. Deze verborgen hinten, overgebracht door Zijn daden alsook door Zijn woorden, zitten boordevol met heerlijk voedsel voor ons denken, en verheerlijken het falen dat zal volgen.


17 Antwoordend* nu, zei* °Jezus: "O, ongelovig en koppig geslacht! Tot wanneer zal Ik bij jullie zijn? Tot wanneer zal Ik jullie tolereren? Brengt hem hier bij Mij!" [Deut. 32:5,20]
18 En °Jezus berispt* hem en de demon kwam* uit hem en de jongen was genezen* vanaf dat uur. [Joh. 4:52,53]
19 Toen, zeiden* de discipelen, alleen tot °Jezus naderend*: "Waarom waren* wij niet in staat hem uit te werpen*?" [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

19-21

Vergelijk met Markus 9:28-29


20 Hij nu zegt tot hen: "Vanwege jullie °klein-geloof. Amen! Want Ik zeg tot jullie, indien jullie geloof hebben als een mosterdzaadje, zouden jullie tot deze °berg zeggen 'Ga* van hier naar daar,' en hij zal gaan! En niets zal voor jullie onmogelijk zijn." [Mar. 11:23] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

20

Zie 21:21; Lukas 17,5,6; 1Korinthe 12:9; 13:2.


21 (geen vers 21)
22 Bij hun samenzijn in °Galilea nu, zei* °Jezus tot hen: "De Zoon van de mens staat op het punt overgegeven te worden in de handen van mensen, [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

22-23

Vergelijk met Markus 9:30-32; Lukas 9:43-45.

[Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

22

De duistere schaduw van het kruis ligt dwars op het pad van onze Heer doorheen de tweede periode van Zijn bediening. Meer dan dat: Zijn discipelen waren er blind voor. Zoals de Joden Hem niet begrepen of aanvaardden als hun koning, zo weigeren nu Zijn discipelen de onthulling van Hemzelf als hun Priester en Offer te overwegen. En net zo keren vandaag Zijn eigen heiligen van Hem af als de Redder en proberen ze Zijn koningschap door te drukken, dat tijdelijk opgeschort is.


23 en zij zullen Hem doden en op de derde dag zal Hij worden opgewekt." En zij waren* vreselijk verdrietig. [Matt. 16:21]
24 Bij hun komst* nu in Kapernaüm, benaderen* zij die de dubbele drachma ontvingen Petrus en zij zeggen*: "Jullie °leraar, draagt hij de dubbele drachma niet bij?" [Ex. 30:13] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

24

Zie Exodus 30:11-16; 38:25,26.

Volgens de wet moest iedereen die in Israel geteld was, ouder dan twintig jaren zijnde, een halve shekel betalen als “bedekkende vrijkoopsom voor zijn ziel”(Exo. 30:12-14). Het werd gebruikt voor de tempeldienst en stond bekend als de tempelbijdrage. Dit moet niet verward worden met de bijdrage die aan Caesar betaald moest worden. De betaling door een patriottische Jood van de bijdrage was nooit een problem, tot na de vernietiging van Jeruzalem, toen het naar Rome werd gezonden. De vraag is in het bijzonder toepasselijk in deze tijd. Het was zeker niet de plicht van onze Heer om de lege vormen van een versleten offersysteem te ondersteunen, terwijl Hij Zelf de ware Tempel van God was en het echte Offer. Hij kon terecht de bijdragen eisen, maar die geven? Nooit. Petrus heeft nog niet de grote waarheid geleerd van Zijn komende offer, anders zou hij niet zo snel toegestemd hebben zo’n bijdrage te betalen. Toch, hoewel de Heer het niet betaalt uit de beschikbare middelen, verwaardigt Hij Zichzelf te onderschikken aan de wet die zo ver beneden Hem was. Door dit te doen geeft Hij een kleine aanduiding van hoe de tempel ondersteund zou moeten worden en hoe dat gehandhaafd zal worden in de komende aion. De zee staat voor de heidenen. In die dag zullen de rijkdommen van de natiën naar Jeruzalem vloeien (Jes. 49:22; 60:5-11; 61: 6) en dan zullen zij elk jaar naar het heilige Loofhuttenfeest komen(Zach. 14:16-19). De zonen van het koninkrijk zullen vrijgesteld worden van het betalen van de bijdrage. Zij zullen vrijgekocht worden, niet met vergankelijk zilver of goud, maar met het kostbare bloed van Christus (1Petr.1:18). Zo zien wij dat het wonder niet slechts een verbazingwekkend vertoon van praktische kracht was (want wie anders kon een vis vangen met precies het juiste bedrag in zijn bek?), maar het is een zelfs nog verbazender teken, de fiscale politiek aangevend van de grote Koning.


25 Hij zegt: "Jawel." En in het huis komend*, houdt* °Jezus hem tegen, zeggend: "Wat denk je, Simon? De koningen van de Aarde, van wie krijgen zij bijdragen of gemeentebelasting? Van hun °zonen of van de vreemdelingen?"
26 En Hij zegt*: "Van de vreemdelingen." °Jezus beweert tot hem: "Dientengevolge zijn de zonen zeker vrijen.
27 Doch opdat wij hen niet zouden valstrikken*, ga*, werp* een vishaak in de zee en neem* de eerste opstijgende* vis en open* zijn °mond. Jij zal een stater vinden. Neem* die. Geef* hem voor Mij en jou."

1) Maanziek - waarschijnlijk epileptisch




Terug naar de index.
Naar Mattheüs 18
   


© www.hetbestenieuws.nl
U mag deze tekst voor eigen gebruik en studie-doeleinden zonder toestemming vermenigvuldigen.
Citeren van deze tekst mag alleen met bronvermelding.
Vermenigvuldiging voor commercieel gebruik alleen met toestemming van de uitgever.