Dit is een eigen Het Beste Nieuws vertaling van
Mattheüs
Hoofdstuk 16

   
(Ga met de muis op een tekstverwijzing staan, dan ziet u de tekst.
Klik op "Commentaar" en u krijgt een stukje tekst dat slaat op dit vers)

1 En de Farizeeën en de Sadduceeën, naderend*, Hem testend, vragen* Hem aan hen een teken uit de hemel te tonen*. [Matt. 19:3] - [Joh. 6:30] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

1-4

Vergelijk met Markus 8:11-13. Zie 12:38-40; Lukas 12:54-56; 1Korinthe 1:22.

[Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

1

Blinde monden! Wat was het voeden van de vier duizend anders dan een teken uit de hemel? Maar als zij als zij geen teken van boven kunnen lezen, zal Hij er op toezien dat zij zichzelf voorzien van een teken van beneden. Ongetwijfeld waren deze Farizeeën en Sadduceeën dienstig voor het Hem in het hart van de Aarde zetten. Zijn dood, begrafenis en opstanding vormden het grote teken aan de ongelovige natie. Jona was een type van hun ongehoorzaamheid alsook van Zijn doorgang door de dood en van zegen voor de natiën doorheen Israel.


2 Hij nu, antwoordend*, zei* tot hen:
3 (geen vers 3)
4 "Een boos en overspelig geslacht is zoekend, en een teken zal haar niet gegeven worden, anders dan het teken van Jona." En hen verlatend* ging* Hij weg. [Matt. 12:39]
5 En de discipelen, komend* aan de andere zijde, vergaten* broden te halen*. [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

5-12

Vergelijk met Markus 8:14-21


6 °Jezus nu zei* tot hen: "Zie. En hoedt jullie van de zuurdesem van de Farizeeën en Sadduceeën." [Luc. 12:1] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

6

Zie Lukas 12:1; Handelingen 23:8.

Zuurdesem staat voor verdorven leer (12). Onze Heer was bezorgd dat de discipelen bevlekt zouden worden die het onderwijs van Zijn vijanden te verteren. Maar al waar zij bezorgd over waren was het mogelijk ontbreken van een maaltijd! En dat pal na het Hem zien voeden van zo’n menigte! Ook al hadden zij geen brood, een kleine rekensom zou hen aangetoond hebben hoe goed zij voorzien waren met Hem aan boord. Als we de vrouwen en de kinderen buiten beschouwing laten, verzadigde onze Heer elke man van de eerste vijf duizend met een-duizendste deel van een brood, waarvan twaalf volgepakte manden overbleven(14:20). Nu verdeelt Hij zeven broden onder vier duizend. Elke man zou bijna twee-duizendste ontvangen, of twee maal zo veel als bij de eerdere gelegenheid. We mogen zeker een veel groter overschot verwachten? Nee. Er zijn slechts zeven manden, mogelijk niet eens half zoveel als tevoren! Des te meer waarmee Hij kan werken, des te minder er over is! Hoe minder Hij had, hoe groter het overschot! Als we deze vergelijkingen tot aan hun uitersten uitwerken, zouden er geen overschotten zijn als zij het brood gekocht hadden. Maar aan de andere kan: niemand kan de hoeveelheid voedsel beperken, als zij geen kruimel brood hadden gevonden die Hij kon zegenen! Dit is een vorm van oneindige berekening die onze mathematici niet kunnen vatten, maar zeer wel in het bereik is van een kind in de school van God. God heeft ons tekort nodig om de overdaad van Zijn voorzienigheid ten toon te spreiden.


7 Zij nu redeneerden met elkaar, zeggend: "Het is omdat wij geen broden hebben meegenomen."
8 Dit nu wetend*, zei* °Jezus: "Waarom redeneren jullie met elkaar, kleingelovigen? Omdat jullie geen broden hebben?
9 Begrijpen jullie het nog niet? Herinneren jullie je niet de vijf broden van de vijfduizend? En hoeveel korven kregen* jullie? [Matt. 13:20] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

9-10

Zie 14:17:21, 15:34-38


10 Noch de zeven broden van de vierduizend? En hoeveel manden kregen* jullie? [Matt. 15:37]
11 Waarom begrijpen jullie niet dat Ik niet over broden tot jullie zei: "Hoedt jullie," doch over het zuurdesem van de Farizeeën en Sadduceeën?"
12 Toen begrepen* zij dat Hij niet zei* te hoeden voor het zuurdesem van de broden, maar voor de leer van de Farizeeën en Sadduceeën.
13 °Jezus nu, komend* in de delen van Caesarea Filippi, vroeg Zijn °discipelen, zeggend: "Wie zeggen de mensen dat de Zoon van de mens is?" [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

13-20

Vergelijk met Markus 8:27-30; Lukas 9:18-21.


14 Dezen nu zeggen*: "Dezen Johannes de Doper, doch anderen Elia en weer anderen Jeremia of een van de profeten." [Mar. 6:14,15] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

14

Zie 14: 1,2; Lukas 9:7-9


15 Hij zegt tot hen: "Maar wie zeggen jullie dat Ik ben?"
16 En antwoordend* zei* Simon Petrus: "U bent de Christus, de Zoon van de levende °God!" [Mar. 14:61] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

16

Zie Johannes 6:69; 1Johannes 4.15.


17 Antwoordend* nu, zei* °Jezus tot hem: "Blij ben jij, Simon-bar-Jona, omdat vlees en bloed dit niet aan jou onthult*, maar Mijn °Vader, Die in de hemelen is. [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

17

Zie 11:25-27; Galaten 1:15,16

Wij zijn aangekomen bij het hoogtepunt van de verkondiging van het koninkrijk door onze Heer. De mensen kennen Hem niet. Slechts een paar, geleid door Petrus, herkennen Israel’s Messias. Dezen zijn de nieuwe ecclesia, uitgeroepen uit de natie, en van hen afgescheiden door loyaliteit aan Hem. De bediening van onze Heer begon met het afdalen van de geest in de vorm van een duif. Petrus wordt in zijn nieuwe ambt ingewijd door “Zoon van een duif” genoemd te worden. Dan speelt onze Heer in op de betekenis van “Petrus”, wat “rots” is. Als zodanig zou deze nieuwe ecclesia door hem gebouwd worden. De vormen Petros en Petra verschillen alleen in geslacht. In het nieuwe Jeruzalem zullen de twaalf met hem geassocieerd worden in het fundament (Openb. 21:14). Maar hij alleen is het fundament in deze ecclesia. Hij nam deze plaats in in de Pinkstertijd. Dit is dezelfde ecclesia die door de verschrikkingen van de eindtijd heen zal gaan, waarvoor Petrus’ brieven speciaal zijn bedoeld. Dan zal de grote draak en zijn menigten niet de overhand hebben tegen deze ecclesia. Petrus gebruikte de sleutels op de Pinksterdag om het koninkrijk voor Israel te openen. Vanaf Petrus’ belijdenis af werden de deuren naar het koninkrijk gesloten en de Heer verkondigde het niet langer, omdat Hij niet aanwezig zou zijn wanneer ze opnieuw werden geopend. Hij gaf Petrus de sleutels. Petrus’ handelen met Ananias en Saffira laat de kracht zien die hij bezat. Niets van dit houdt verband met de huidige ecclesia, het lichaam van Christus. Wij zijn niet gebouwd op Petrus. Niets van dit onderwijs is voor ons. Wij zijn verbonden met Paulus. Petrus’ sleutels zouden ons niet van dienst zijn, want wij gaan het koninkrijk niet binnen. Voordat de krachten van het ongeziene zich werpen tegen die ecclesia, zullen wij veilig thuis zijn, bij onze Heer (1Thess. 4.17).


18 Ik nu zeg tot jou dat jij Petrus bent en op deze °rots zal Ik Mijn °ecclesia bouwen en de poorten van het ongeziene zullen haar niet overheersen. [Joh. 1:43] - [Efe. 2:20] - [Job 38:17]
19 Ik zal jou de sleutels van het koninkrijk van de hemelen geven en wie jij zal binden* op de Aarde, zal gebonden zijn in de hemelen en wie ook jij zal losmaken* op de Aarde, zal losgemaakt zijn in de hemelen." [Joh. 20:23]
20 Toen maande* Hij de discipelen tot voorzichtigheid, dat zij tot niemand zouden zeggen* dat Hij de Christus is. [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

20

De verkondiging van het koninkrijk is absoluut uitgesteld, om weer ter hand genomen te worden door Petrus op de Pinksterdag.


21 Vanaf dan begint* °Jezus aan Zijn °discipelen te tonen dat Hij naar Jeruzalem moet gaan* om veel te lijden* van de oudsten en Hogepriesters en Schriftgeleerden en gedood* te worden en op de derde dag opgewekt* te worden. [Matt. 17:22,23] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

21-28

Vergelijk met Markus 8:31-38; Lukas 9:27.


22 En °Petrus, Hem bij zich nemend*, begint* Hem te berispen, zeggend: "God zal U genadig zijn, Heer! Dit zal aan U niet gebeuren!" [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

22

Petrus was ongetwijfeld uitgelaten over zijn heerlijke eren, maar zijn geestelijke begiftiging had hem nog niet in staat gesteld mee te lijden in het lijden van Zijn Heer. Ja, hij wilde er niet eens van horen. Hierin deed hij de tactieken van Satan na, die voorstelde aan Christus het koninkrijk te geven zonder het lijden. Daarom wordt Petrus een satan genoemd, wat Hebreeuws is voor tegenstander.

Onze Heer verkondigt nu het evangelie van lijden. Zij die deze ontduiken – dezen hebben in de tussentijd hun ziel, maar verliezen die in het koninkrijk. Zij die lijden – dezen zullen regeren. Er is veel overeenkomst tussen de pauze die loopt van de verwerping van onze Heer tot aan Zijn kruisiging en de huidige bedeling. In beide maakt de koninkrijksverkondiging plaats voor het evangelie van Zijn lijden. In beide wordt dienstbetoon verbonden met lijden en verwerping met regeren. Er wordt nooit gezegd dat de succesvolle dienaar zal regeren, maar, indien we volharden, zullen wij ook samen regeren (2Tim. 2.13).


23 Hij nu, omgedraaid* zijnde, zei* tot °Petrus: "Ga achter Mijn weg, Satan! Jij bent Mij een valstrik, omdat jij niet de gezindheid hebt die van °God is, maar die van de mensen." [Matt. 4:10]
24 Toen zei* °Jezus tot Zijn °discipelen: "Indien iemand achter Mij wil komen*, laat hem zichzelf verloochenen* en laat hem zijn °kruis opnemen* en laat hem Mij volgen! [Luc. 14:27]
25 Want wie ook zijn °ziel zal willen redden, zal haar vernietigen; maar wie ook zijn °ziel omwille van Mij zal willen vernietigen*, zal haar vinden. [Matt. 10:37]
26 Want wat zal het een mens voordeel zijn, indien hij de hele wereld zal winnen*, doch zijn °ziel zal verspelen*? Of wat zal een mens geven in ruil voor zijn °ziel?
27 Want de Zoon van de mens staat op punt te komen in de heerlijkheid van Zijn °Vader, met Zijn °boodschappers, en dan zal Hij ieder betalen naar zijn °doen. [Matt. 25:31] - [Psalm 28:4]
28 Amen! Ik zeg tot jullie dat er sommigen zijn van de hier staanden, die niet de dood zullen smaken*, totdat zij de Zoon van de mens zullen waarnemen*, komend in Zijn °koninkrijk." [Matt. 20:21 ] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

28

Zie 2Petrus 1:16-18

Deze voorzegging werd ongeveer een week later vervuld. He nam Zijn meest vertrouwde discipelen met Zich mee en zij zagen Zijn kracht en aanwezigheid en waren toeschouwers van Zijn grootheid (2Petr. 1:16). Het is passend dat, op dit punt aangekomen, er de een of andere duidelijke aanwijzing zou komen van het uitstellen van het koninkrijk. In het verslag wordt de belofte onmiddellijk gevolgd door de vervulling er van, maar er is een week uitstel. Een andere cyclus moet zijn beloop krijgen voordat de juiste omstandigheden herverschijnen die aan het koninkrijk vooraf gaan.








Terug naar de index.
Naar Mattheüs 17
   


© www.hetbestenieuws.nl
U mag deze tekst voor eigen gebruik en studie-doeleinden zonder toestemming vermenigvuldigen.
Citeren van deze tekst mag alleen met bronvermelding.
Vermenigvuldiging voor commercieel gebruik alleen met toestemming van de uitgever.