Spraakfiguren in de Bijbel
deel 5 - Figuren van toevoeging
door A.E.Knoch


Dat wat toegevoegd wordt voor nadruk, en niet nodig is voor de betekenis, kan beschouwd worden een figuur van toevoeging te zijn (Pleonasme). De meeste hiervan worden overgedragen vanuit het Hebreeuws en kunnen ook onder andere figuren geklasseerd worden. Zo is "geheiligd is Uw Naam" (Matt. 6:9) de figuur van verbinding, maar is niet nodig voor de betekenis, die uitgedrukt kan worden met "wordt geheiligd." Zo wordt ook het woord zoon regelmatig gebruikt, als 'de zonen van de mensheid" (Marc. 3:28), en hand, als "door de handen van de apostelen"(Handelingen 5:12), en gezicht, "van het gezicht van de Heer" (Hand. 3:19), en het midden, "vanuit het midden van de rechtvaardigen" (Matt. 13:49). Andere voorbeelden zijn te vinden onder deze woorden in de Concordantie.

Meer zeldzaam wordt een niet noodzakelijk woord gebruikt voor nadruk of elegantie, zoals: tabernakel huis (2 Kor. 5:1); zegent ons met alle geestelijke zegen (Efe. 1:3).

Negatieve herhaling

Speciale nadruk wordt gelegd op een uitspraak als die met een niet negatieve wordt gevolgd, zoals "en hij belijdt en hij ontkent niet" (Joh. 1:20) Zie ook: Joh. 1:3, hand. 18:9, Rom. 4:20, 12:11, 12:14, 1 Kor. 1:10, Gal. 5:l, 1 Joh 1:8.

Historisch supplement

Zo nu en dan wordt een niet opgetekend historisch supplement (Hysteresis) toegevoegd, zoals "Zacharias, zoon van Berechjas, die jullie vermoordden tussen de tempel en het altaar" (Matt. 23:35), en "En aankomend, woont hij in een stad die Nazaret genoemd wordt, zodat vervuld zou worden wat door de profeten werd uitgesproken, dat Hij de NazoreeŽr geroepen zal worden"(Matt. 2:23). Geen van deze is geschreven in de profeten. Het zijn supplementen die ons vertellen wat gedaan en gesproken werd, maar niet opgetekend. Verdere voorbeelden hiervan zijn te vinden in Hand. 9:22, 26 (Saulus' roeping), 2 Tim. 3:8, Heb. 9:19, 11:21, 12:21, Jakobus 5:17, Judas 9.

Opsomming

Wanneer alles is genoemd en de delen zijn toegevoegd, mogen we dat Opsomming noemen (Merismos). Wanneer het geheel niet genoemd is verschilt het niet echt van een opsomming en wordt een sectie, of ontleding, genoemd (Synathrismos). Van de eerste klasse is Galaten 5:22 een goed voorbeeld, waar de vrucht van de geest wordt opgesomd. Zie ook Romeinen 2:6-8, Galaten 5:19-21. In de laatste klasse hebben we de list van dingen die de afvalligheid vormen (1 Tim. 4:1-3). Zie ook Romeinen 1:29-31, 2 TimotheŁs 3:1-7, 1 Petrus 4:3.

Samenvatten

Een opsomming die samengevat is wordt soms een Samenvatting genoemd (Epitrochasmos)

. Zie HebreeŽn 11:39.

Samenvatting

Een samenvatting (Symperasma) geeft een kort uittreksel van het voorafgaande. Zie MattheŁs 1:17, Johannes 20:30, Hebreeťn 11:39.

Toevoegingen in een zin

Tussenzin

Een tussenzin (Interpositio) is een onafhankelijke uitspraak te midden van een andere, zonder grammaticaal verband. Deze worden gewoonlijk ingevoegd tussen haakjes in de tekst van het Concordant Literal New Testament. Een paar voorbeelden: Matt. 24:15, Mar. 7:2, 3, 4, 11, 13:14, Heb. 2:9, 2 Petr. 1:19.

Doorlopende opmerking

Een min of meer onafhankelijke tussenzin kan min een doorlopende opmerking genoemd worden (Epitrechon). Ze wordt gewoonlijk aangegeven door -.

Zo wordt in Johannes 2:9, de opmerking ingevoegd: - ontbiedt het hoofd van de eetzaalkamer de bruidegom. Zie ook Matt. 9:6, Joh. 4:8, 9, Hand. 1:15, Rom. 3:5, 8, 8, 8:20, 9:3, 10:6, 7, Efe. 2:5, 5, 11, Kol. 2:22, Heb. 12:20, 21.

Invoeging-parabool

Een langere tussenzin wordt een speciale naam gegeven: Invoeging (Parabole). Zo wordt in Marcus 7:3,4 een lange uitleg ingevoegd. In 2 Kor. 12:2,3 worden twee zinnen ingevoegd. Elders zijn hele paragrafen kennelijke invoegingen, zoals in 1 Kor. 15:20-28, waar je alleen doorleest als deze verzen weggelaten worden. Zie ook 2 Kor. 3:5, Efe. 3:2-13.

Tussenzin verontschuldiging

En tussenzin-verontschuldiging (Hypotimesis) wordt gebruikt om een schijnbare ongeschiktheid te verontschuldigen, zoals in 2 Kor. 11:21 - "Overeenkomstig oneer zeg ik hoe wij zwak zijn geweest. Wanneer nu ook maar iemand iets durft (ik zeg dit in onverstand)...," of in Romeinen 3:5 - "Ik zeg dit overeenkomstig de mens."

Naschrift

Het Naschrift (Epicrisis) is een losgemaakte opmerking over wat gezegd werd. Ze komt het meest voor in het verslag van Johannes, zoals in Joh. 3:24 - "want įJohannes was nog niet tot in de cel geworpen." Zie ook Joh. 1:28, 34, 6:4, 7:5, 8:20, 27, 9:14, 22, 10:22, 23, 11:13, 30, 12:33, Hand. 19:20, 1 Joh. 3:1.

Intensivering

Een intensivering (Epitasis) is een afsluitende zin die benadrukt wat werd gezegd, zoals in Handelingen 7:5 - "En Hij geeft aan hem geen lotbezit in haar, zelfs geen podium voor zijn voet." Zie Johannes 13:34.

Climax

Een climax (Anabasis) is een toename in betekenis of nadruk door statten, zoals in 1 Korinthe 4:8 - gezeten, rijk, heersen. Zie ook Lucas 11:9 - verzoek, zoeken, kloppen. In 1 Johannes 1:1 - was gehoord, gezien, naar gestaard, behandeld.

Overdrijving

Overdrijving (Hyperbool) voegt meer toe aan de betekenis dan bedoeld wordt, zoals toen de FarizeeŽn zeiden: "de wereld kwam weg, achter Hem aan"(Joh. 12:19). Zie ook Lucas 2:1, Johannes 3:26, 1 Korinthe 4:15, Jakobus 3:6, 4:1.

Anticlimax

Anticlimax (Catabasis) is een afname in betekenis of nadruk in stappen. De zeven stappen in de afdaling van onze Redder naar het kruis is het meest opvallende voorbeeld (Filip. 2:6-8).

A.E.Knoch.

Dit artikel werd eerder in het Engels gepubliceerd in U.R.Magazine, deel 73.
U.R. Magazine is een uitgave van Concordant Publishing Concern

Naar deel 6


© ©Concordant Publishing Concern