Ik ga je de Bijbel voorlezen. Ik hoop dat het gelegen komt. Dank je wel dat je je aan mij overgeeft.
‘In het begin schiep God de hemelen en de aarde’ (Genesis 1:1, American Standard Version).
Daar. Dat is alles wat ik lees, voorlopig, dat is alles wat je weten moet.
Op de voorgrond van Gods openbaringen aan de mensheid, voelde Hij Zich genoodzaakt om ons te vertellen dat Hij twee sferen schiep waarin handelingen plaatsvinden: de hemelen en de aarde. (God heeft ze ook allebei perfect geschapen, want ‘Zijn werk is volmaakt’, Deuteronomium 32:4.) We nemen Gods schepping als vanzelfsprekend. Dat zouden we niet moeten doen. Deze eerste tien woorden in Genesis belichamen een geweldige waarheid, die één van de meest epische openbaringen omvat, die ooit zijn uitgegaan van Gods troon. In feite zijn deze tien woorden de sleutel om de gehele Bijbel te kunnen begrijpen. Dit overdrijf ik niet. God sprak deze tien woorden als eerste, omdat zij de sleutel zijn om te kunnen begrijpen waarom Jezus Christus naar de aarde kwam; waarom Israël bestaat; waarom Jezus Christus Paulus riep terwijl Hij al twaalf apostelen had; waarom er twee evangeliën (niet vier) in de Bijbel zijn; en waarom je niet, hoe hard je ook je best doet, kunt leven zoals Jezus.
De meeste mensen denken dat er vier evangeliën in de Bijbel zijn: Mattheüs, Marcus, Lucas en Johannes. Niet waar. Matteüs, Marcus, Lucas en Johannes zijn vier verslagen van hetzelfde evangelie: het Evangelie van de Besnijdenis. God heeft twee evangeliën aan de mensheid gegeven (met betrekking tot redding van zonde) en niet meer dan twee (evangelie betekent ‘goed nieuws’): één voor Israël (het Evangelie van de Besnijdenis, toevertrouwd aan Petrus) en één aan alle anderen (het Evangelie van de Onbesnijdenis, toevertrouwd aan Paulus).
Laat Paulus zelf dit feit bevestigen. De apostel schreef aan de Galaten: ‘… dat aan mij het evangelie der voorhuid toebetrouwd was, gelijk aan Petrus dat der besnijdenis’ (Galaten 2:7, Statenvertaling Jongbloed-editie), [deze vertaling komt, voor wat dit vers betreft, overeen met het Concordant Literal New Testament, zie ook www.schriftwoord.nl]. Later zal ik je vertellen waarom deze evangeliën zulke rare namen hebben. Voor nu is het belangrijkste dat je moet weten, dat God twee evangeliën aan de mensheid heeft gegeven, omdat God, in het begin twee sferen schiep ten behoeve van de mensheid: de hemelen en de aarde.
Spoedig na het scheppen van de hemelen en de aarde, zorgde God ervoor dat allebei Zijn volmaakte scheppingen werden verwoest. Waarom zou God dat doen? Laten we eerst vaststellen dat dit precies is wat er gebeurde.
Na de eerste tien woorden van Genesis, laten de volgende negen woorden zich aldus lezen: ‘Wat de aarde betreft, zij werd chaos en leegstaand’ (Genesis 1:2, Concordant Version of the Old Testament, zie ook www.schriftwoord.nl).
Tot zover de aarde. Houd dit in gedachten.
Wat betreft de verwoesting van de hemelen, hiervoor springen we naar Efeziërs, hoofdstuk 6 en het getuigenis van Paulus:
Want wij hebben niet te worstelen tegen bloed en vlees, maar tegen de overheden, te gen de machten, tegen de wereldbeheersers dezer duister- nis, tegen de boze geesten in de hemelse gewesten.
Efeziërs 6:12, NBG-vertaling
Tot zover de hemelen. Het is voor ons niet van belang om te weten hoe de aardse of hemelse verwoesting plaatsvond. Wat wij echter wel moeten weten is dat God het zo wilde. Niet in paniek raken bij die gedachte. (Niet dat je dat zou doen. Ik zou eerder in paniek raken bij de tegenovergestelde gedachte – dat het universum op één of andere wijze ontsnapt was aan de handen van de Pottenbakker en op hol geslagen was.) God heeft een goede reden voor alles wat Hij doet; ik zou Zijn redenen zelfs ‘geweldig’ willen noemen.
God klimt en klautert niet rond in het universum om vuurtjes te blussen. Als dat wel zo was hoe zou Hij dan waardig zijn om ‘God’ genoemd te worden? God heeft Zijn universum volmaakt onder controle – ondanks hoe dingen eruit zien. Alles wat in deze wereld gebeurt (en in het universum) gebeurt met een reden. Alles is ontworpen voor ons uiteindelijke welbehagen. Op de korte termijn mag het niet goed lijken, maar op de lange termijn is welbehagen het enige doel van alles wat God doet.
Om echter het goede te kunnen waarderen, moeten we innig kennismaken met het slechte. Dit staat bekend als het principe van contrast. Hoe zou je de vreugden van redding kunnen beseffen, als je geen zondaar was geweest? De enige reden waarom je opgewonden raakt over de opstanding, is omdat je bekend bent met de dood. Hoe weet je dat je gezond bent, als je nooit ziek bent geweest? Hoe zou je vreugde kennen zonder een kennismaking met ellende? In Gods wereld gaat duisternis vooraf af licht; gaat zonde vooraf aan redding; gaat dood vooraf aan leven; en gaat slecht nieuws vooraf aan goed nieuws. Dit is geen dwaasheid; dit is een werkwijze. Zou jij het op een andere manier willen? Gods uiteindelijke doel is permanente zegen, maar niemand kan dat waarderen zonder een tijdelijke vloek.
Wanneer iemand tegen je zegt: ‘Ik heb goed nieuws en slecht nieuws, welk wil je het eerst?’ Zeg je dan ooit: ‘Geef mij eerst het goede nieuws’? Nooit. Je wilt altijd eerst het slechte nieuws, omdat je hoopt dat het goede nieuws op één of andere manier het slechte zal overschaduwen en je beter zal doen voelen. In feite kan het goede nieuws misschien alleen maar goed zijn in het licht van het slechte.
De verwoesting van de hemelen en de aarde was (en is) slecht nieuws. In dit stadium is de belangrijkste vraag (daar heb je waarschijnlijk al aan gedacht):
Is dit een permanente toestand voor zowel de hemelen als de aarde? Het heerlijke antwoord dat ik dolgraag met je wil delen is: ‘Nee!’ Gods bedoeling is en is altijd geweest: de verzoening van zowel de hemelen als de aarde met Zichzelf. De slechte dingen moeten gebeuren voordat God alle goede dingen kan geven die Hij voor de mensheid gepland heeft. Langs die prachtige lijn is hier Kolossenzen 1:20 –
Door Christus zal God alles met Zichzelf verzoenen (vrede makend door het bloed van Zijn kruis), door Hem, zowel diegenen op de aarde als diegenen in de hemelen.
Dit is uit het Concordant Literal New Testament, maar ik hou er ook van hoe The Message dit weergeeft:
Alle gebroken en ontwrichte delen van het universum - mensen en dingen, dieren en atomen – worden deugdelijk vastgezet en samengevat in levendige harmonieën, allemaal door Zijn dood, Zijn bloed dat naar beneden stroomde van het kruis.
Dit is het goede nieuws dat volgt op het slechte: Het goede dat alleen gewaardeerd kan worden in het licht van het slechte.
Het kruis van Christus – Zijn kostbare bloed – repareert zowel de hemelen als de aarde. Houd echter het contrastprincipe in gedachten. Zo glorieus als de restauratie van hemel en aarde zullen zijn, glorie is onmogelijk zonder verwoesting. In feite is de toekomstige vreugde over de restauratie van deze ongelijksoortige sferen onmogelijk zonder hun historische wanorde.
Een goeie vraag. Nogmaals, ik hou rekening met het contrastprincipe. Volmaaktheid wordt nooit gewaardeerd zonder een achtergrond van onvolmaaktheid. Dus God schiep de hemelen en de aarde (hier hebben we geen probleem mee); dan overziet Hij de verwoesting (dit is het moeilijke gedeelte), maar altijd met de toekomstige sensatie van herstel in het vooruitzicht (de belofte die wij geloven door geloof). Onthoud: Glorie vereist schande; opwekking vereist dood; redding vereist zonde.
Als God het universum volmaakt had gemaakt en het zo gelaten had, dan zou niemand van ons ook maar iets anders kennen dan volmaaktheid. Was dit het geval dan zouden we erbij zitten gapen. Ja. Echt waar. Dat zouden wij doen. Zonder contrast zouden wij niets anders kunnen doen dan gapen. Maar wie wil er nou gapen bij volmaaktheid? Wie wil zijn schouders ophalen bij eeuwig leven met God? Willen wij niet liever lofprijzen en zingen in plaats van brommen en mompelen tot in eeuwigheid? Nou dan. Eeuwig geluk is onmogelijk zonder tijdelijke ellende. Onmogelijk.
God doet je deze ellende niet aan, Hij doet het voor jou.
En toch is dit maar een deel van het verhaal. Laten wij terug gaan naar de reden waarom God de mensheid verdeelde in twee groepen: Joden en heidenen. Laten wij terug gaan naar waarom er twee evangeliën in de Bijbel zijn: het Evangelie van de Besnijdenis en dat van de Onbesnijdenis. Laten wij terug gaan naar waarom er twee respectieve beheerders zijn van deze twee evangeliën: Petrus en Paulus en laten wij proberen te begrijpen waarom wij het zo moeilijk hebben met leven zoals Gods Zoon. Hmm. Misschien is het niet onze fout.
God is God. Hij had de hemelen en de aarde kunnen herstellen en verzoenen zonder het offer van Zijn Zoon. Waarom was het kruis van Golgotha überhaupt nodig? En dan – de noodzaak van het kruis aannemend – waarom herstelde God de dingen niet door Zijn Zoon alleen en sloeg Hij het scheppen van de mensheid niet gewoon over? God is zo goed in alles; Hij had makkelijk genoeg de dingen voor elkaar kunnen krijgen zonder ons. Vooruit, stel de grote vraag maar: Waarom zijn wij hier?
Eén ding tegelijk. God stuurde Zijn Zoon om ons Zijn liefde te tonen. God kan niet sterven, dus stuurde Hij Zijn zichtbare beeld, Jezus Christus, om Zijn verbazingwekkende genegenheid aan het universum te laten zien. Alleen als wij Jezus zien lijden aan het kruis en zien hoe Hij – daar vanaf – Zijn vijanden vergeeft, vallen wij voorover en aanbidden wij Hem. Als de Zoon Zijn vijanden vergeeft terwijl Hij in Jeruzalem onder een palmboom luiert, gaat er iets verloren in de overdracht. Het effect is niet hetzelfde. Wij gapen en zeggen: ‘Goh, wat leuk.’
De achtergrond van het kruis is wat ons overweldigt tot aanbidding.
Ten tweede, God schiep de mensheid omdat Hij andere schepselen wilde hebben met wie Hij Zijn geluk zou kunnen delen. In het begin was God alleen in het universum. Op het einde zal Hij een groot aantal wezens hebben die genieten van Zijn leven en liefde.
Maar dat is niet alles. Ja, God besloot lang geleden dat Hij de verwoeste hemelen en aarde zou verzoenen door Zijn Zoon. Een deel van dat plan was het scheppen van het menselijk ras en vervolgens twee groepen van mensen selecteren om medewerkers van Hem te worden in de grote onderneming van het verzoenen van de hemelen en de aarde. Ik weet het, dat is verbazingwekkend. En toch is het waar. Uitverkiezing is een Bijbelse leer. Echter, in tegenstelling tot wat men tegenwoordig gelooft, God kiest er niet een paar uit om de rest te verdoemen. God kiest enkelen uit zodat diegenen Zijn uitverkoren agenten zullen worden in de latere verzoening van de rest.
Herinner je Gods doel uit Kolossenzen 1:20 –
Door Christus zal God alles met Zichzelf verzoenen (vrede makend door het bloed van Zijn kruis), door Hem, zowel diegenen op de aarde als diegenen in de hemelen.
Nogmaals, God had alles in Zijn eentje kunnen doen. Maar nee. Hij verlangde ernaar om Zijn glorie te delen met anderen. Hij wilde dat andere wezens, door Zijn hand en hart geschapen, het Grote Stuurwiel zouden aanraken van Zijn Wonderlijke Reis en met Hem de sensatie zouden voelen, niet alleen maar tijdens de reis, maar in de glorieuze climax van waarheen de reis naartoe gaat.
Hier is dan de kern van alles wat ik tot dusver heb gezegd en de reden waarom ik dit boek schreef. Ik wil dat je dit weet:
Om een verwoeste aarde te herstellen en te verzoenen, riep God de natie Israël – ook bekend als de bruid van het Lam – en beloofde hen een 1000-jarige, rechtvaardige regeringsperiode over een herstelde planeet: ‘Zij zullen priesters van God en van Christus zijn en zijn zullen met Hem als koningen regeren voor de duizend jaar… en zij zullen regeren op de aarde’ (Openbaring 20:6; 5:10). Israëlieten blijven op aarde omdat dat hun gebied van bediening is. God fluisterde dit plan voor het eerst Abraham in, bevestigde en bekrachtigde het door de Messias, behandelde het gedetailleerd in ‘het Evangelie van de Besnijdenis’ en stelde een man, genaamd Petrus, aan tot woordvoerder ervan.
Om de verwoeste hemelen te herstellen en te verzoenen (een geheim plan van God, waarover de Messias niet sprak toen Hij op aarde was) roept God een samenraapsel van ‘losers’ (ook bekend als het lichaam van Christus) uit de rest van de mensheid en neemt hen uiteindelijk mee naar de hemel. In de hemel ‘plaatst Hij ons tezamen tussen de hemelingen, in Christus Jezus’ (Efeziërs 2:6) en zullen wij regeren aan Gods rechterhand (2Timoteüs 2:6), oordelen over engelen (1Korintiërs 6:3) en brengen wij opstandige, hemelse gewesten (Efeziërs 3:10; 6:12; Kolossenzen 1:20) aan de voeten van de Godheid. God fluisterde dit plan voor het eerst in bij een bloeddorstige idioot onderweg naar Damascus om Christenen te vermoorden (Saulus; later hernoemd Paulus). Het geschreven orgaan dat deze roeping behandelt (in andere Bijbelboeken wordt er geen enkele hint gegeven) is bekend als ‘het Evangelie van de Onbesnijdenis’ en de woordvoerder ervan is dezelfde persoon (lees ‘idioot’) die er het eerst lucht van kreeg: Paulus.
Slechts weinigen weten hoe je het Woord der waarheid recht moet snijden (2Timoteüs 2:15). De meeste mensen denken dat dit onderscheid maken betekent tussen het Oude Testament en het Nieuwe Testament. Het is veel subtieler dan dat. Als je aan de chirurg vraagt waar je geopereerd gaat worden en hij zegt: ‘Aan de bovenkant’ –
dan wil je wel een iets preciezer antwoord. Het Nieuwe Testament zelf moet recht gesneden worden. Matteüs, Marcus, Lucas en Johannes zijn in feite een voortzetting van dezelfde boodschap als het Oude Testament.
Wanneer je van Maleachi naar Matteüs gaat, is het nog steeds de Israëlische golflengte: het is allemaal Israël, de hele tijd. Jezus Christus kwam naar de aarde als de belangrijkste van de Oud Testamentische profeten. Doe ik Jezus tekort? Helemaal niet. Toen Hij op aarde was, beperkte Hij Zichzelf met opzet. ‘Ik ben slechts gezonden tot de verloren schapen van het huis Israëls’ (Matteüs 15:24, NBG-vertaling).
Paulus bevestigt de missie van de aardse Christus, hij schrijft in Romeinen 15:8 ‘En ik zeg dat Jezus Christus een Dienaar van de besnijdenis is geworden ter wille van de waarheid van God om de beloften aan de vaderen te bevestigen.’
De dertien brieven van Paulus zijn een radicaal afscheid van de rest van de Schrift, inclusief Matteüs, Marcus, Lucas en Johannes. De enige plek in de Bijbel waar je details zult vinden met betrekking tot Gods remedie voor het herstel van de hemelen, is in de dertien brieven van Paulus. De enige plek in de Schrift waar je de wet uit het raam gegooid ziet worden is in de dertien brieven van Paulus. De enige boeken in de hele Bijbel, die de speciale redding van de heidenen (niet-Israëlieten) behandelen, die zondigen als hun beroep hebben en nog nooit van Mozes hebben gehoord – zijn de dertien brieven van Paulus.
Hier en alleen maar hier – in de dertien brieven van Paulus – vind je de diepste diepten van genade, die uitgestort wordt vanuit Gods hart. Ik weet hoe schokkend dit moet klinken. Het betekent dat je in de boeken van Matteüs, Marcus, Lucas en Johannes (inclusief de rode woorden* gesproken door de aardse Christus) niet de diepste diepten van genade zult vinden, die uitgestort wordt vanuit Gods hart. *[In een zogenaamde ‘rode letter editie’ van de Bijbel zijn de woorden van Jezus in rode inkt gedrukt]. Deze boeken zijn met opzet ongeschikt om deze diepten te ontvouwen. Zij zijn alleen maar bedoeld om voor Israël een belofte te bevestigen die God gaf aan hun voornaamste aartsvader en voorvader Abraham.
Aan het eind van Matteüs, Marcus, Lucas en Johannes was genade nog steeds Gods grootste geheim. Er is wel wat genade in deze vier verslagen voor de zonen en dochters van Israël, maar niet het soort genade die Paulus naar de volkeren bracht, namelijk, ‘de alles overtreffende genade van God over u’ (2Korintiërs 9:14, herziene Statenvertaling).
Paulus is de enige schrijver die spreekt van alles overtreffende genade. Wat overtreft hij? Hij overtreft de andere, mindere genades die elders in Gods Woord worden genoemd.
Paulus begint de meeste van zijn brieven op deze manier: ‘Genade zij u en vrede van God, onze Vader, en de Heer Jezus Christus.’ Merk op dat vrede volgt op genade, dit is de goddelijke orde. Tenzij je genade kent, zal vrede je ontgaan. Tenzij je beseft dat niets van wat jij doet ooit Gods gunst voor jou kan verpesten, zul je voortdurend bezig zijn je vlees onder controle te houden, ondertussen wachtend tot God je onderuit haalt. Hoe kun je vrede hebben wanneer een bliksemstraal slechts één misstap van je verwijderd is?
Alleen een boodschap van alles overtreffende genade brengt het soort overtreffende vrede waarnaar we verlangen. Maar eerst moet zulke genade worden begrepen. Dit wordt moeilijk wanneer we de boodschap van Paulus vermengen met andere delen van de Bijbel. Zodra we beginnen te genieten van, laten we zeggen, Romeinen 5:1 ‘Wij dan, gerechtvaardigd uit geloof, hebben vrede met God door onze Here Jezus Christus,’ gaan we naar Hebreeën 10:26-27, waar we lezen: ‘Want indien wij opzettelijk zondigen, nadat wij tot erkentenis der waarheid gekomen zijn, blijft er geen offer voor de zonden meer over, maar een vreselijk uitzicht op het oordeel en de felheid van een vuur…’ – en verliezen we onze vrede. Wat doe je hieraan? De meeste mensen huilen en eten bergen chocola.
Probeer in plaats daarvan dit eens: Realiseer je dat dit twee verschillende boodschappen zijn voor twee verschillende volken. Romeinen werd geschreven aan heidenen en Hebreeën werd geschreven aan Israëlieten. Israëlieten moeten nog steeds werken voor hun redding; zij moeten waardig zijn. Zij worden nog steeds geacht de wet te houden, of het tenminste te proberen. De heidenen niet. Voor hen werd de wet afgeschaft. Romeinen 3:28 – ‘Want wij zijn van oordeel, dat de mens door geloof gerechtvaardigd wordt, zonder werken der wet.’ Maar het is nog veel radicaler dan dat.
Voor de heidenen kwam de wet sowieso al nooit. In Romeinen 2:14 vermeldt de apostel Paulus duidelijk dat heidenen ‘geen wet hebben.’ Romeinen 6:14 bevestigt dit en legt de kers op de taart: ‘Gij zijt niet onder de wet, maar onder de genade.’
Het boek van Jakobus begint op deze manier: ‘Jakobus, een slaaf van God en van de Heer Jezus Christus, aan de twaalf stammen…’ Het is duidelijk, Jakobus schreef aan Israëlieten. Lees Jakobus met de misvatting dat je wordt geacht Jakobus te doen en je zult zo verzanden in de wet – en gedeprimeerd raken door je onvermogen om zo te leven – dat je zult denken dat óf Jakobus, óf Paulus een leugenaar is. Hier is een aardige steekproef uit Jakobus:
- Jakobus 2:10 – ‘Want wie de gehele wet houdt, maar op één punt struikelt, die is schuldig geworden aan alle (geboden).’
- Jakobus 2:13 – ‘Want onbarmhartig zal het oordeel zijn over hem, die geen barmhartigheid bewezen heeft.’
- Jakobus 2:14 – ‘Wat baat het, mijn broeders, of iemand al beweert geloof te hebben, als hij geen werken heeft? Dat geloof kan hem niet redden.’
- Jakobus 4:8 – ‘Nader tot God, en Hij zal tot u naderen.’
- Jakobus 5:9 – ‘Zucht niet tegen elkaar, broeders, opdat u niet veroordeeld wordt. Zie, de Rechter staat voor de deur.’
Eigenlijk laat één enkele vergelijking tussen Jakobus en Paulus het contrast er al uitspringen:
- Jakobus 2:20 – ‘Geloof zonder werken is dood.’
- Romeinen 4:5 – ‘Bij hem echter die niet werkt, maar gelooft in Hem Die de goddeloze rechtvaardigt, wordt zijn geloof gerekend tot gerechtigheid.’
Veel Bijbelschrijvers en commentatoren hebben zichzelf in allerhande bochten gewrongen om te proberen het vierkante paaltje van Jakobus te verklaren in het licht van Paulus’ ronde gat. Niets lukt. Het is niet de bedoeling dat het lukt. Jakobus en Paulus zijn met opzet onverenigbaar. Jakobus schrijft aan Israëlieten, Paulus aan de volkeren. Jakobus is van de wet; Paulus is van de genade. Jakobus is van de werken; de mensen van Paulus werken niet – zij geloven alleen (zelfs hun geloof komt helemaal van God). Jakobus is van het Evangelie van de Besnijdenis, Paulus van de Onbesnijdenis.
Toen Maarten Luther de waarheden van rechtvaardiging besefte – terwijl hij, niet geheel toevallig, het boek Romeinen las – was zijn eerste ingeving om Jakobus buiten beschouwing te laten. Hij ging zelf zo ver dat hij twijfelde aan Jakobus’ rechtmatige plaats in de Bijbel. Hij herkende in ieder geval het onmogelijke contrast. Had Luther het Woord der waarheid echter recht gesneden dan zou hij er geen moment over gepiekerd hebben welke schrijver uit de Bijbel gegooid moest worden – Jakobus of Paulus. Had hij zich maar gerealiseerd dat de hele Bijbel wel voor hem was, maar niet helemaal over hem. John Wycliffe zegt het in een notendop:
Het zal je enorm helpen om de Bijbel te begrijpen, als je er niet alleen maar op let wat er gesproken of geschreven wordt, maar door wie en aan wie, met welke woorden, op welk moment, waar, met welke bedoeling, onder welke omstandig- heden, denkend aan wat eraan vooraf ging en aan wat erop volgt.
Paulus zegt het korter en bondiger: ‘Snijd het Woord der waarheid recht’ (2Timoteüs 2:15).
In het voorgaande stuk lees je hoe leden van het lichaam van Christus zijn gerechtvaardigd door geloof, niet door werken. Zelfs moedwillig zondigen (Hebreeën 10:26) bevuilt niet de gunst van een gerechtvaardigd persoon. Iemand die gestorven is met Christus is gerechtvaardigd van zonde (Romeinen 6:7). In het Besnijdenisevangelie is oneerbiedigheid [goddeloosheid] fataal. In het evangelie van Paulus zijn het de goddelozen die zijn gerechtvaardigd (Romeinen 4:5).
Leden van het lichaam van Christus, geroepen uit de volkeren, zijn gered middenin de tekortkoming: ‘Want toen wij nog zwak waren, is Christus, geheel volgens het tijdperk, ten behoeve van de goddelozen gestorven’ (Romeinen 5:6). Het volmaakte voorbeeld van een gerechtvaardigde verwerper is de woordvoerder van het evangelie zelf: Paulus. Daarom werd Paulus geroepen buiten Israël, terwijl hij erop los zondigde. Hij moest een vertegenwoordiger zijn – en een voorbeeld – van alles overtreffende genade. Als Paulus eerbiedig was geweest, in plaats van fanatiek, hoe zou hij dan op de genade-affiche kunnen staan? God definieert genade als: ‘Gunst betonen aan hen die het tegenovergestelde verdienen.’ Zodra men genade gaat verdienen, moet zij wel verdwijnen. Genade floreert alleen maar in het kweekschaaltje van onwaardigheid.
Redding door werken is al uitgeprobeerd. Het werd de wet van Mozes genoemd. De Godgeïnspireerde richtlijn was toen: DOEN EN LEVEN. Als je deed wat God zei dan ging je door met ademhalen. Als je niet gehoorzaamde, nou – dan kon je maar beter je levensverzekering afbetaald hebben. Tegenwoordig zijn we gered door genade. De Godgeïnspireerde richtlijn is nu: LEVEN EN DOEN.
Met andere woorden, leef vrij, in het besef dat God Zijn Zoon ziet, in plaats van jouw zonden en jij zult dingen willen doen voor zo’n genadige God. Vanwege genade is veroordeling niet aan de orde (Romeinen 8:1). Zodra je beseft dat je kunt falen zonder Gods gunst te verliezen, wil je plotseling succesvol zijn. Is dat geen paradox? Is dat niet fenomenaal? Geeft het je geen enorme energieboost? Paulus bedacht er een woord voor: GENADE.
De grootste trofee van genade is Saulus van Tarsus.
Nu snap je waarom de Joden de boodschap van Paulus haatten. Zij konden het niet verdragen om te horen dat mensen die ’s maandags nog bomen aanbaden, op dinsdag ‘volmaakt in Christus’ (Kolossenzen 2:10) werden verklaard. Dit botste verschrikkelijk met alles wat zij kenden over hard werken en de wet gehoorzamen.
Alleen Paulus kon zeggen: ‘Maar nu is zonder de wet gerechtigheid van God geopenbaard’ (Romeinen 3:21, Concordant Literal New Testament, zie ook www.schriftwoord.nl).
Man, wat hadden de Joden daar een hekel aan.
Laten we eens een gek experiment doen. Laten we de dertien brieven van Paulus uit de Bijbel halen en kijken wat er gebeurt. Haal Paulus’ dertien brieven er tussenuit en we hebben één doorlopende openbaring voor Israël betreffende het herstel van de aarde en de middelen waarmee God dat gaat volbrengen. De brieven van Paulus – bedoeld voor een totaal ander volk met een totaal andere roeping en bestemming – werpen een enorme moersleutel in het draaiende tandrad van Israëls aardse machinerie. Tenzij de moderne Bijbellezer het Woord der waarheid recht snijdt, verliest hij of zij de greep op Gods programma.
Toegegeven, het was makkelijker geweest om de Schrift recht te snijden als de brieven van Paulus achter het boek Openbaring geplakt waren, met deze introductie: ‘Bedankt voor het lezen van alles over Israëls beloften, strijd en toekomstige aardse zegeningen. Blijf nu verder lezen voor een totaal andere boodschap.’ Maar nee. In Zijn wijsheid plaatste God Paulus gewoon pats boem tussen Handelingen en Hebreeën. Waarom doet God zoiets?
God wil dat we moeite doen voor de waarheid. Zoals Spreuken 25:2 (Concordant Version of the Old Testament, zie ook www.schriftwoord.nl) zegt: ‘Het is de eer van God om een zaak verborgen te houden en de eer van koningen om een zaak te doorgronden.’ In de volledige context van het ‘snijd recht’ tekstgedeelte, vertelt Paulus aan Timoteüs: ‘Beijver u om uzelf welbeproefd voor God te stellen, als een arbeider die zich niet hoeft te schamen, die het Woord van de waarheid recht snijdt" (2Timoteüs 2:15, Concordant Literal New Testament, zie ook www.schriftwoord.nl). Ja, het kost wat moeite. Ik heb dit boek geschreven om je te helpen, om het je makkelijker te maken.
Het boek Handelingen prikkelt de Israëlieten met het komende, aardse koninkrijk en het boek Hebreeën troost Israëlieten met betrekking tot het duidelijke - en verontrustende – uitstel van genoemd koninkrijk (het legendarische Millenium) [Duizendjarig Rijk]. Tussen deze twee boeken maken de dertien brieven duidelijk waarom God Israël tijdelijk in de wacht heeft gezet. In de dertien brieven van Paulus doet God iets nieuws en geheims onder de heidenen: Hij roept voor Zichzelf een afzonderlijk lichaam van mensen bijeen, voorbestemd om te regeren in de hemel en om hemelse gewesten in goddelijke harmonie te brengen, door de kracht en bemiddeling van Zijn Zoon, Jezus Christus. Zodra de laatste persoon van deze selecte groep geroepen is tot zijn of haar hemelse woning, pakt God de draad weer op met Zijn aardse volk en de rest van de Schrift verloopt volgens schema.
Nu snap je waarom de Bijbel je soms meer verwarring bezorgde dan zegen. Je probeerde om één boodschap – ‘het Evangelie van de Besnijdenis’- overeen te stemmen met een totaal andere boodschap – ‘het Evangelie van de Onbesnijdenis.’ (Ik weet het, een deel van het probleem is dat beide boodschappen in hetzelfde boek staan.) Je probeerde om de wet, uiteengezet door Jakobus, ‘passend te maken’ met de genade, onthuld door Paulus. Je probeerde de aardse bestemming van Israëlieten te lijmen met de hemelse bestemming van niet-Israëlieten. Je probeerde de woorden van de aardse Christus - gedrukt in religieus rood* - passend te maken met de woorden van de verheerlijkte Christus, gesproken in standaard zwart tot de apostel Paulus. *[In een zogenaamde ‘rode letter editie’ van de Bijbel zijn de woorden van Jezus in rode inkt gedrukt].
Hadden ze de woorden van Paulus maar afgedrukt in roze of iets dergelijks.
Nu ken je het geheim. Geen van deze ongelijksoortige boodschappen worden verondersteld overeen te komen. Ze werden geschreven aan twee verschillende groepen mensen, met twee verschillende bestemmingen – en twee totaal verschillende draaiboeken.
Nu begrijp je waarom jij, een heiden, niet kunt leven zoals de Joodse Jezus Die de wegen van Palestina bewandelde. Het is niet jouw schuld: het was niet de bedoeling dat jij zou leven en wandelen zoals de aardse Jezus. Dat wordt alleen van Joden verwacht en zelfs zij kunnen dat niet totdat Jezus Christus terugkomt om de wet (de wet die nooit voor jou kwam) in hun harten te schrijven (Jeremia 31:33).
Op geen enkele manier betekent dit dat je amoreel wordt. Jij functioneert onder een nieuw principe: Genade. In het evangelie, verkondigd door Paulus, heeft genade meer kracht dan wet in het resulteren van goed gedrag. Gods belangrijkste voorbeeld van een zondaar-veranderd-in-heilige is, alweer, de brenger van de boodschap: Paulus. Hoe deed God dat? Door het beste van Zichzelf te geven aan een man in diens slechtste ogenblik. Met andere woorden: ‘Die de goddeloze rechtvaardigt’ (Romeinen 4:5).
Ik heb je zojuist een nieuwe Bijbel overhandigd. Je zou dit boek nu dicht kunnen doen en de rest van je leven kunnen gaan genieten van een Woord van God dat niet langer zichzelf lijkt tegen te spreken. Alles overtreffende vrede is nu voor jou weggelegd; de rest is details. Ik hoop echter dat je hier blijft hangen voor de details, omdat die beladen zijn met heerlijkheid.
Terug naar de indexpagina van "De eerste idioot in de hemel"
U kunt meer van Martin Zender vinden, op deze website:
Martin Zender
the world's most unorthodox Bible Scholar