In Christus, in Christus Jezus en in de Heer

door J. Philip Scranton

   
De woorden die onze titel vormen zijn voor ons een paar van de meest belangrijke in de Griekse Schrift, maar toch kunnen zij tot de minst gewaardeerde en begrepen behoren. Ieder van deze woorden komt meer dan veertig maal voor in Paulus' brieven, maar ze zijn elders buitengewoon zeldzaam((1 Petrus 3:16; 5:10,14; 1 Joh. 5:20 zijn uitzonderingen). Paulus gebruikt uitdrukkingen als "in Christus onze Heer", "in de Here Jezus", "in de Geliefde" en "in de Zoon van Zijn liefde". Elk van deze zinsneden staat op zich en draagt een speciale nadruk in zich, en toch, omdat ze alle Dezelfde identificeren, is er ook de overlapping en gelijkheid in betekenis en gebruik.

Het meest gewone gebruik van deze termen is als aanduiding van gelovigen. Het laatste hoofdstuk van Romeinen geeft een interessant voorbeeld. Alhoewel we in Christus uitverkoren waren "vóór de nederwerping van de wereld"(Efe. 1:4;CV), kan Paulus nog steeds zeggen dat Andronicus en Junias "reeds voor mij in Christus geweest zijn"(Rom. 16:7). Wij zijn de "in Christus" mensen, zij die "in de Heer" zijn(Rom. 16:2), zij die "in Christus Jezus" zijn(Rom. 16:3).

De basis voor dit concept van "in Christus" zijn, wordt gepresenteerd in het eerste hoofdstuk van Kolossenzen. Daar worden de titels van Heer en Christus, en de naam van Zijn menszijn, terzijde gesteld opdat het onderwerp benaderd kan worden vanuit het gezichtspunt van de liefde van de Vader. Zo zijn we in "de Zoon van Zijn liefde"(vers 13). Wij waren in Hem al voor onze schepping(vers 16,17), onze verlossing is in Hem(vers 14), en in Hem zijn wij de volledig verzoende voorwerpen van de liefde van de Vader. Wij waren in Christus en door Zijn opofferend werk worden we terug in Hem gebracht. Buiten Christus is de mens een pasgeboren ezel met een gebroken nek(Ex. 13:13). Hij is onaanvaardbaar en ongeschikt voor God en hij is onrein voor offerdoeleinden. Alleen door insluiting in Christus kunnen wij verzoend worden met God.


In Christus.

Echt, deze eenvoudige woorden, "in Christus", zijn onze roem en onze vreugde. "In Christus" is het gebied van de zegen, waarin we zijn: gekozen(Efe. 1:4), ontvangers van een lotdeel(Efe. 2:6; 1Thess. 4:16), versterkt met de noodzakelijke kracht voor elke situatie(Filip. 4:13), compleet en buiten de greep van onze zonden en overtredingen gebracht(Kol. 2:10-15). Ja, "in Christus" zijn is een gebied waar we meer zijn dan op dit moment lijkt(1Kor. 4:10-13), omdat het een gebied is buiten de greep en beperkingen van het vlees(2Kor. 3:14; 5:17; 12:2; Gal. 3:27,28). "In Christus" is een gebied van Gods bijzondere handelen(1Kor. 15:22; 2Kor. 2:14; Efe. 1:20; 2:6), en het is een gebied van gemeenschap(Rom. 12:5), verwachting(1Kor. 15:19), gevangenschap(Filip. 1:13) en van een begrip van de waarheid(2Kor. 3:14; Efe. 4:20,21; Kol. 2:3).

In Christus Jezus

"In Christus Jezus" voegt de naam van de vernedering en vlees van onze Heer toe aan de begrippen die verbonden zijn aan de zinsnede "in Christus." Deze frase wordt dan ook over het algemeen gebruikt waar het in de context gaat over onze sterfelijke menselijkheid en dit huidige leven(Rom.8: 1,2; 1Kor.4:15,17; Efe.2:10; Filip.1:25,26; 4:7,19; 1Thess.5:18; 2Tim.2:10; 3:12). Ze wordt gebruikt als er verwezen wordt naar onze vrijheid, zowel van veroordeling(Rom. 3:24; 8:1,2) als van de wet en ceremonie(Gal. 2:4). Het wordt ook gebruikt waar de context onderscheid definieert van het vlees(1Kor. 1:26-30), in het bijzonder het onderscheid tussen de Joden en de natiën(Gal.3:14; 5:6; 6:15; Efe.2:13), maar ook tussen mensen en hemelingen(Efe.2:6,7; 3:10-12; Filip.3:14), en tenslotte daar waar het onderscheid met het vlees weg gedaan wordt(Gal. 3:27,28; Efe. 2:21,22; 3:6; Filip. 3:3). "In Christus Jezus" wordt gevonden in relatie met tijdelijke zegeningen(1Kor. 1:4) en huidige gemeenschap, of dat nu in werk(Rom. 16:3), liefde(1Kor. 16:24) of gevangenschap is(Filemon 23). Verder komt het voor in nauw verband met aardse locaties(1Kor. 1:2; Filip. l:l; 1Thess. 2:14).

In de openingszinnen van veel van zijn brieven noemt Paulus zichzelf een apostel, slaaf of gevangene van Christus Jezus. Dit wijst op zijn werk op Aarde. Maar de dag zal komen wanneer hij eenvoudig als "een man in Christus" bekend zal staan, zoals zichzelf zag in een gezicht(2Kor. 12:2).


In de Heer

"In de Heer" wordt gebruikt om onze positie te benadrukken als hen die gekocht zijn(1Kor. 6:20) en nu bevrijd zijn van zonde, en slaaf zijn van de rechtvaardigheid(Rom. 6:18). Net als Paulus zijn wij geen discipelen maar slaven, en daarom weerspiegelt de term "in de Heer" dit aspect van onze levens. Deze woorden komen voor waar de context spreekt over ons dienstbetoon(Rom. 16:2; 2Kor. 2:12; 10:17; Efe. 6:21; Filip. 1:14; Kol. 4:17; 1Thess. 5:12), ons zwoegen en werken(Rom.16:12; 1Kor.9:1; 15:58; 1 Thess.5:12), onze gezindheid(Filip. 3:1; 4:2,4,10), ons slaaf zijn en gehoorzaamheid(1Kor. 7:22; Efe. 6:1; Kol. 3:20; 4:7), en onze wandel(Efe. 4:1,17; 5:8; 1Thess. 4:1). De hoofdstukken 5 en 6 van Efeze gaan uitgebreid in op deze wandel. Onderschikking en beperkingen(Kol. 3:18; 1Kor. 7:39; Efe. 4:1) en onze versterking en houding (Efe. 6:10; Filip. 4:1; 1Thess. 3:8) worden alle gezien als aspecten van onze positie "in de Heer". Paulus spreekt ook over zijn vertrouwen en verwachting "in de Heer" met betrekking tot het gedrag van hen die in Christus Jezus zijn (Gal. 5:10; Filip. 1:14; 2Thess. 3:4) en met betrekking tot aspecten van zijn eigen dienstbetoon(Filip. 2:19,24).

De nadruk die ligt op "in de Heer" is dan ook duidelijk heel anders dan die welke ligt op "in Christus" of op "in Christus Jezus". In feite kan wat gezegd wordt in verband met deze zinsneden zelfs verkeerd begrepen worden en als tegenstrijdig worden gezien. "In Christus" is er geen verschil tussen mannelijk en vrouwelijk(Gal. 3:28), maar de vrouw moet wel onderschikt zijn aan haar echtgenoot, "gelijk het betaamt in de Here"(Kol. 3:18). Als we ons toespitsen op wat we zijn "in Christus" en dat doen ten nadele van wat we zouden moeten doen "in de Heer", dan zal ons leven uit balans raken. Daarom kan dienstbetoon in de Heer nooit juist gemotiveerd zijn buiten een goede inschatting van wat wij zijn in Christus. Het gevolgen van deze zinsneden zijn te vinden in het leven waar de verwerkelijking van onze zegeningen "in Christus" de motivatie worden voor ons dienstbetoon "in de Heer."
   


© www.hetbestenieuws.nl