Het Christendom probeert actief regeringen te beïnvloeden “voor Christus.” Maar God heeft de gelovige niet geroepen om regeringen te “beïnvloeden.” Ons terrein van invloed ligt veeleer op het individuele niveau. Het gaat om persoonlijke relaties. Wij brengen geen goddelijk licht met als doel “het rechtsgebied van de duisternis” te verlichten, maar om haar duisternis te contrasteren.
“te midden van een verkeerd en verdorven geslacht, onder wie jullie schijnen als hemellichten in de wereld”
(Filippenzen 2:15;SW)
Neem Paulus in Rome, bijvoorbeeld. Hem werd door God de gelegenheid gegeven om invloed te hebben bij Caesars verwanten. Deze invloed was niet een aardse invloed, maar een hemelse – enkelen van hen omvormend tot heiligen.
“Jullie groeten al de heiligen, in het bijzonder die uit het huis van de keizer.”
(Filippenzen 4:22;SW)
Zij die in het Lichaam van Christus zijn, zijn “noch Jood noch heiden.” “Heiden,” is, uiteraard, vertaald van hetzelfde Griekse woord, ethnos, dat ook weergegeven wordt met “natiën.” Gelovigen maken niet langer deel uit van de “natiën” (dwz. “noch Jood noch heiden”), maar zijn een “nieuwe schepping” (2 Korinthe 5:17), de “ene nieuwe mens”(Efeze 2:15). Voor het Lichaam van Christus is er geen “ons” en “zij” van het nationalisme; wij zijn niet langer Amerikaan of Canadees, Virginiaan of Pennsylvaniër, noordeling of zuiderling, democraat of republikein, conservatief of liberaal, zodat wij “vanaf het nu, niemand waarnemen naar het vlees”(2 Korinthe 5:16;CLNT).
Aards heersen is niet voor ons. Ons gebied is in de hemelen
A.E. Knoch
|
Onze broeder Frank Kujawa stelt het passend op deze manier:
Galaten 3 vertelt ons dat wij “noch Jood noch heiden” zijn. Maar wat zijn we dan? Een nieuw schepsel in Christus! Wij nieuwe schepselen trekken niet langer lijnen in het zand. Alle lijnen zijn verschillen die conflicten veroorzaken. Conflicten kunnen een ander emotioneel verwonden en uiteindelijk leiden tot fysieke wonden, dood en oorlogen. Een persoon die in een conflict zit is niet vrij.
Denk er zo over: Paulus vertelt ons dat wij niet langer heidenen zijn. Tijdens zijn tijd was een heiden iemand die een andere nationaliteit had dan Joods. Daarom vertelt Paulus ons dat wij “niet langer van enige nationaliteit zijn.” Natiën en nationale leiders zijn voor hen die de Waarheid niet kennen. De Waarheid heeft ons vrij gemaakt.
Paulus’ instructies in verband met menselijke regeringen zijn beperkt tot onze houding en verantwoordelijkheid ten opzichte van hen die gezag dragen. Er is geen verslag van zijn instructie over ons beïnvloeden of veranderen van, of een ommekeer brengen in natiën. Onze opdrachten zijn:
“Ik moedig dan bovenal aan verzoeken, gebeden, pleitingen, dankzeggingen te doen voor alle mensen, voor koningen en voor allen die hooggeplaatst zijn, opdat wij een kalm en rustig leven mogen leiden, in alle toewijding en ernst”
(1 Timotheüs 2:1,2;SW)
Paulus was niet politiek actief. Neem bijvoorbeeld het geval van de slavernij. We hebben geen enkel verslag dat Paulus pleitte of campagne voerde voor de afschaffing er van. Dat was niet zijn agenda! Hij was geen activist voor sociale en politieke verandering. Hoe vreselijk slavernij ook geweest mag zijn, en hoe eerbaar de zaak van de afschaffing mag zijn geweest, zo’n pleiten was feitelijk beneden zijn “hoge roeping van God in Christus Jezus” (Filippenzen 3:14;SW). Hij had een hemelse agenda waar hij naar streefde, mindere zaken overlatend aan lagere roepingen.
God leidde het kwaad de wereld binnen
en Hij zal het er uit begeleiden
wanneer het Zijn doelstelling heeft bereikt
Frank Neil Pohorlak
|
Paulus las regeringen en leiders van het kwaad van de slavernij (of enige andere zaak) niet de les. In plaats daarvan gaf hij, opmerkelijk, de slaven en hun meesters rechtstreek de opdracht:
“Slaven, weest gehoorzaam aan de heren naar het vlees, met vrees en beven, in eenvoud van jullie °harten, als aan Christus, niet naar ogenslavernij, als mensenbehagers, maar als slaven van Christus, doende de wil van God vanuit de ziel, met goed gemoed slavend als voor de Heer en niet voor mensen, waargenomen hebbend dat al wat een ieder goed zou doen, dit zal hij terugontvangen van de Heer, hetzij slaaf, hetzij vrije. En heren, handelt met hen op gelijke wijze, wees traag met het dreigement, waargenomen hebbend dat hun Heer ook jullie Heer is in de hemelen, en bij Hem is geen voorkeur.”
(Efeze 6:5-9;SW)
Deze passage is, wanneer je er goed over nadenkt, echt opmerkelijk; en het is slechts één voorbeeld van Paulus inzicht. Paulus was de hemelse apostel, schrijvend aan een hemels volk, over hun hemelse roeping en burgerschap. Hij geeft hen instructies over de details van het leven, hier op vreemde bodem, als ambassadeurs van hun thuisland, want we zijn echt verlost “uit het gezag van de duisternis” en zijn overgebracht “in het koninkrijk van de Zoon van Zijn liefde” (Kolossenzen 1:13), Hem hebbend als onze “enige Potentaat” (1Timotheüs 6:14;SW), want “ons burgerschap behoort in de hemelen, waaruit ook wij de Redder verwachten, de Heer, Jezus Christus” (Filippenzen 3:20;SW). Neem met minder geen genoegen!
Terug naar de index.