De term “Pauliciër” kan verkeerd worden verstaan, speciaal als het genomen wordt om een “Ik ben van Paulus” sektarisme aan te geven. Wanneer zelfs “Ik ben van Christus” bij de grote apostel de wenkbrauwen doet optrekken als zijnde sektarisch en ketters, mogen we er zeker van zijn dat zo’n gebruik er van niets anders is dan een vorm van een ellendig religieus snobisme. We kunnen echter een betere term vinden om het kaf van het koren te onderscheiden in het moderne Christendom dan door het gebruik van dit woord om hen te beschrijven die Paulus’ kennis van de goddelijke mysteriën deelden en Paulus’ houding aannamen ten opzichte van de wereldbewegingen.
“Het evangelie van het Koninkrijk” heeft z’n politieke elementen, want het Koninkrijk waarvan het uitdeelt is een echt koninkrijk, met een echte Koning, een echte hoofdstad, een echte regering, een echte wet, en is, in feite, niet alleen zo echt als, maar meer echt dan het koninkrijk van Groot Brittannië vandaag. Dat is de reden dat, welk klein deel van het koninkrijksevangelie genomen kan worden om toe te passen op de politieke theorieën van de moderne sociale kerk, het gemarteld wordt in een schijnbare instemming er mee. Maar om het te kunnen doen wordt een zeer noodzakelijk ingrediënt van het koninkrijksevangelie weggehouden, namelijk de eschatologie. De ethiek van het koninkrijksevangelie, het soort ethieken die te vinden zijn in de Bergrede en een intensivering van de Mozaïsche Wet vertegenwoordigen, veroordelen (en redden niet!) de mens die naar de hemel wil klimmen op de ladder van de zaligsprekingen. Wat de mens nodig had was niet een vraag, maar een levering, en zelfs een goud vergulde ladder is van geen hulp voor iemand die vanaf z’n geboorte kreupel is. Het mag dan verondersteld worden dat wanneer de moderne kerk de ethieken neemt en de eschatologieën van “het evangelie van het Koninkrijk” weigert, ze het deel omarmt dat, op zichzelf, het deel (of ingrediënt) veroordeelt en afwijst dat de hoop van redding bevat.
Indien de Wet op de Berg door Mozes een politiek falen was bij het tot stand brengen van sociale rechtvaardigheid, vanwege de ongeestelijke toestand van de natie aan wie ze was gegeven, dan zou de Wet op de Berg door Christus een groter politiek falen zijn als die gegeven zou worden aan de heidenen, wat we weten dat niet gebeurde.
Lot zit nog steeds in de poort van Sodom, en zijn zonen van vandaag hebben het sociale evangelie van hun oude voorvader, want de tijd is nog niet rijp om de smaad te werpen. “Die kwam om hier te wonen, oordeelt hij om te oordelen?” (Genesis 19:9;SW). Lot had geen evangelie voor de mensen van Sodom, noch bezat hij welk gezag dan ook om zich bezig te houden met hun politieke bijeenkomsten; maar hij vond kennelijk wel een gemakkelijke stoel en een ongemakkelijk geweten toen hij zich verbond met de oudsten van de stad in de poort. De “kerk” van vandaag heeft, in haar Bijbel, een evangelie voor de wereld, maar we vinden haar terug in de rol van wetmaker en niet van evangelieprediker. Haar predikers proberen burgers te maken, terwijl ze zouden moeten proberen heiligen op te bouwen.
De heiligen van God zijn vreemdelingen hier op Aarde. Laat dat eens bezinken. Geen gelovige, als zodanig, kan een Republikein zijn, want in zijn hart gelooft hij in en is verbonden met een koninkrijk. Republicanisme is niets anders dan politiek Arminianisme - het gelooft in een bepaalde vorm van menselijk vermogen. Hoe kan een verworpen Koning koning worden van een rebellerende republiek? Indien Christus de Koning is, vergeet dan niet dat wij Zijn Lichaam zijn. Individueel mogen we ambassadeurs zijn die de wereld uitnodigen verzoend met God te zijn, maar gaat de ambassadeur van Engeland in de Verenigde Staten daar stemmen? Kan enige ambassadeur wetgeving opzetten in het land waarheen hij werd gezonden? Natuurlijk niet! Ambassadeurs komen om “bijwoner” te zijn, zoals Lot, en maar weinigen, als ze er al zijn, zijn schuldig aan het maken van Lot’s fout.
Hoevelen van Gods volk zijn er niet in geslaagd te zien dat, als je de voorrechten van een burger in vredestijd uitoefent, je ook op eerbare wijze de taken van een burger dient uit te oefenen in een tijd van oorlog? Gaan stemmen en bajonetten zijn logisch verenigd; het stemmen is het middel waardoor de meerderheid de wetten maakt voor de minderheid; en de bajonet is het wapen waarmee de sterke de wet maakt voor de zwakke. Je kunt net zo min het evangelie prediken met de stembus als dat je het met de punt van een bajonet kan doen; maar als u, als burger, het voorrecht opeist van het gebruik van het eerste, wees dan niet verbaasd als uw mede-burgers van uw verwachten dat u de taak van het doen van het laatste ook op u neemt.
Paulus was geen politicus. Eens, dat is waar, beriep hij zich op het Romeins burgerschap, maar kijk eens wat er daarna gebeurde. De gebeurtenissen die volgden nadat hij zijn “rechten” opeiste, leidden als snel tot een afsluiting van het verkondigen van het Koninkrijk van God. Als, als een Romeins burger, hij voor een tijd Romeinse bescherming ontving, is het ook waar dat, als Romeins burger, hij in een Romeinse gevangenis werd gezet, en uiteindelijk als Romeins burger leed onder de slag van een Romeins zwaard.
Paulus had geen politiek programma. Het kruis maakte een einde aan de mens in het vlees. Het schatte de natuurlijke mens in en verklaarde hem bankroet. Totaal politiek, moreel, geestelijk bankroet. In plaats van een wereldburger te zijn, werd hij er een lijk in: “Ik ben met Christus gekruisigd.” Voor zover het de wereld betreft, is de kerk van God een begraafplaats vol met niets anders dan dode mensen, en mensen met hun namen op grafstenen streven niet naar politieke benoemingen!
De religieuze wereld van vandaag babbelt veel en vaak over de heerlijkheden van de “democratie”; maar de hoop van de gelovige is niet op democratie gericht, maar op Theocratie, niet in een mensocratie, maar in Godocratie. Indien de lezer een Pauliciër is of de waarheid van Paulus’ brieven heeft geleerd, zal hij niet stellen een Republikein, een Democraat of een Socialist te zijn, want Gods keuze en niet de zijne, Gods stem en niet zijn stem in het stemhokje, heeft hem tot lid van de Theocratische Partij gemaakt door de genade van God. “Want Demas verliet mij, de huidige aion liefhebbend” (2 Timotheüs 4:10;SW) zou op correcte wijze de moderne religieuze houding beschrijven ten opzichte van Paulus’ theocratische leer.
Het witwassen van de wereld is – helaas! – de bezigheid van een “kerk” die zo zachtjes aan geleerd zou moeten hebben wat de wereld nodig heeft om wit gewassen te worden. De kalk kan nu toegepast worden met deze kwast en dan met die; maar de “kerk” die zo de boel zou bedekken, en oplappen, en een prutsers’ klus doen met een wereld die ziek van aard is, en wiens kwaden voortkomen van haar gestel, heeft het kruis van Christus afgewezen, de Theocratische hoop van de Schrift, Gods manier van handelen met de zonde van de wereld, en is slechts een politieke club geworden in plaats van een kerk van Pauliciërs.
-Alan Burns (?-1929)
Unsearchable Riches
Jaargang 15, p. 272 (1924)