Onze Heer heeft ons geroepen om te geloven, maar niet alle gelovigen zullen met Hem heersen en regeren in de hemelse gewesten.
"40 En er zijn hemelse lichamen en er zijn aardse lichamen, maar de heerlijkheid van de hemelsen is anders en de heerlijkheid van de aardsen is anders,
41 de heerlijkheid van de zon is anders, en de heerlijkheid van de maan is anders, en de heerlijkheid van sterren is anders, want de ene ster overtreft de andere ster in heerlijkheid.
42 Zo is het ook met de opstanding van de doden; het wordt gezaaid in vergankelijkheid, het wordt opgewekt in onvergankelijkheid,"
(1Kor. 15:40-42;SW)
Paulus spreekt in 2 Timotheüs 4:7 en 8 over een krans van gerechtigheid die aan hem uitbetaald zal worden:
"7 Ik heb de goede strijd gestreden, ik heb mijn loop volbracht, ik heb het geloof behouden.
8 Verder wordt voor mij de krans van de rechtvaardigheid gereserveerd, die de Heer mij in die dag zal geven, de rechtvaardige Rechter, maar niet alleen aan mij, maar ook aan allen die Zijn verschijning liefhebben."
(2Tim. 4:8;SW)
Waarover Paulus hier ook spreekt, het kan niet over redding gaan. Redding wordt aan niemand uitbetaald; het is een genadevolle gift van God (Efe. 2:8,9). We worden helemaal buiten onze daden om gered (2Tim. 1:9). En toch, let hier in 2Tim. 4:8 op Paulus' actieve werkwoorden en het gebruik van het voornaamwoord "ik":
- Ik heb de goede strijd gestreden,
- ik heb mijn loop volbracht,
- ik heb het geloof behouden
- ik heb Zijn verschijning lief (niet zo gegeven, wel bedoeld)
Dit is geen leer over menselijke vrije wil. Precies zoals God genadevol aan sommige mensen geloof geeft om het evangelie te geloven, zo geeft Hij ook sommige gelovigen de energie en het verlangen om Gods werk te doen. Deze energie en dit verlangen is net zo'n gift als redding (Paulus zelf zegt in 1 Kor. 4:7 "En wat heb jij dat je niet ontving?", en toch wordt het gepresenteerd als iets waarnaar we moeten streven.
In de boven genoemde passage uit 2 Timotheüs, beziet Paulus zichzelf als strijdend voor deze hoge roeping. In 1Kor. 9:24-27 noemt hij het een race:
"24 Hebben jullie niet waargenomen dat zij die in het stadion rennen, allen inderdaad rennen, maar één ontvangt de prijs. Rennen jullie zo dat jullie die behalen!
25 En ieder die deelneemt houdt alles onder controle, opdat zij dan inderdaad de vergankelijke erekrans verkrijgen, maar wij een onvergankelijke.
26 Ik nu ren dan zo: niet als twijfelachtig; zo boks ik, niet als lucht slaande.
27 Maar ik bewerk mijn lichaam en leid het in slavernij, opdat ik misschien, verkondigende, niet zelf afgewezen zou worden"
(1Kor. 9:24-27;SW)
Nogmaals: de "prijs" in deze context is niet redding, maar veeleer heersen en regeren met Christus. 2 Timotheüs 2:11-13 maakt onderscheid tussen redding en regeren:
"11 Trouw is het woord, want indien wij samen stierven, zullen wij ook samen leven,
12 indien wij volharden zullen wij ook samen heersen; indien wij ontkennen zal Hij ook ons ontkennen,
13 indien wij ontrouw zijn, Hij blijft trouw, want Hij is niet in staat Zichzelf te ontkennen"
(2Tim. 2:11-13;SW)
Het "samen sterven" en het "samen leven" in de bovenstaande passage is algemene redding. Die hebben we allemaal, op basis van de dood van Christus. Romeinen 6:8 zegt: "Want als wij sterven met Christus, geloven wij ook dat wij samen met Hem zullen leven". Onze daden hebben hier niets mee te maken; volharding is geen vereiste voor redding. Echter, alleen zij die volharden in het Christusleven zullen heersen. Volharding houdt een mate van lijden voor het geloof in. Indien we een leven van lijden voor Christus afwijzen, dan zal Hij ons afwijzen voor het heersen, niet voor de redding. Dat Hij ons niet voor redding kan verloochenen is de inhoud van de laatste uitspraak: "Hij is niet in staat Zichzelf te ontkennen".
Wat houdt heersen en regeren met Christus in? Ik zou willen dat ik het wist. Maar ik heb zo'n gevoel dat als ik in dit leven niet liefheb, volhard, vasthou en voltooi, ik één blik op de wonderen van de hemel zal werpen met mijn opgestane ogen, en mezelf een flinke trap onder mijn opgestane achterste zal willen geven!
Betrouwbaar bewijs voor de kracht van God.
"2 Wij danken God altijd, over jullie allen herinnering makend in onze gebeden,
3 onophoudelijk herinnerd wordend aan de werken van het geloof van jullie en het zwoegen van de liefde en de volharding van de verwachting van onze °Heer Jezus Christus, voor de ogen van onze °God en Vader"
(!Thess. 1:2,3;SW)
We willen allemaal de kracht van God. Indien u naar Christelijke televisie kijkt (en moge God u helpen!), dan is het mogelijk dat u het verkeerde idee heeft over hoe Gods kracht openbaar gemaakt wordt. U bent dan misschien gaan geloven dat de kracht van God van doen heeft met je heerlijk voelen, in je handen klappen, je armen omhoog doen in aanbidding en overwinning, of goddelijk verlost worden van een aanval van migraine
Deze dingen kúnnen gebeuren bij het begin van goddelijke activiteit, maar goddelijke activiteit heeft hogere doelen in gedachte. Paulus schrijft aan de Kolossenzen:
"9 Daarom ook - van de dag dat wij horen - houden wij niet op voor jullie te bidden en te vragen dat jullie gevuld mogen worden met de bovenkennis van Zijn wil, in alle wijsheid en geestelijk verstaan,
10 om de Heer waardig te wandelen, in alle dingen Hem behagend, in alle goede werk vruchtdragend, en opgroeiend in de bovenkennis van God,
11 bekleed met alle kracht naar de macht van Zijn heerlijkheid, voor alle volharding en geduld, met blijdschap,
12 de Vader dankend, Die jullie bevoegd maakt voor het aandeel in het lot van de heiligen in het licht"
(Kol. 1:9-12;SW)
Wat een uitspraak! "Bekleed met alle kracht" Wow! Het doet je denken dat de volgende zin is: "zodat je op water kunt lopen" of: "zodat je doden kunt doen opstaan," of: "zodat je zo blij kunt zijn dat je nooit meer een slechte dag zal hebben."
Maar nee, Paulus wil dat de heiligen bekleed worden met alle kracht van God, "voor alle volharding en geduld, met blijdschap".
We leerden in het bovenstaande stuk al dat volharding de enige kwalificatie is voor heersen met Christus - niet werken, niet hoe je er uitziet, niet populariteit, niet weelde, zelfs niet blijdschap, maar veeleer: volharding met geduld en blijdschap. Het wonderlijke deel hiervan is het geduld en de blijdschap.
Vrienden, er is ALLE KRACHT VAN GOD voor nodig om een persoon niet alleen geduldig te laten lijden, maar om te lijden met innerlijke blijdschap, wetend dat het juist deze volharding is die hem geschikt maakt "voor het aandeel in het lot van de heiligen in het licht". En hier is het echt gekke deel, uit vers 12: tegelijkertijd de Vader er voor dankend! Er is een geestelijke reus voor nodig om beproevingen te doorstaan met geduld en blijdschap, en dan ook nog God er voor te danken! Ben u dat? Dan mijn gelukswensen; u bezit alle kracht van God en u zult nooit passen bij Christelijke televisie.
Overgenomen uit "The Clanging Gong News" - Vol. 2 - Issue 9.
ALL things © copyright by Martin Zender. All rights reserved.
U kunt meer Martin Zender vinden op zijn website:
Martin Zender
the world's most unorthodox Bible Scholar