Controleer uw wapenrusting
-
Aanhangsel
-
Nederigheid en de super overvloed van Zijn liefde
door Herman H. Rocke

- GENADE is een woord dat vaak misbruikt wordt. Een predikant kan de ene zondag een heel goede preek over "genade" afleveren en de volgende terugkeren op een favoriet onderwerp in "de evangeliën' en daarbij alles wat hij eens gezegd had teniet doen. Toen God begon genade uit te storten, introduceerde Hij een nieuwe bedeling die om een aanpassing vroeg van wat tevoren was geleerd. Wanneer dus een predikant het woord "genade" gebruikt in een context die er schriftuurlijk vreemd aan is, berooft hij die van zijn precieze betekenis en ontkent, in feite, dat het een goddelijk geschenk is dat vreugde brengt en blijdschap aan hen die precies het tegendeel verdienen.

- Nederigheid is een ander woord dat door verkeerd gebruik zonder betekenis is geraakT. Het heeft niets van doen met leer en is in het geheel niet afhankelijk van de mate van wijsheid en onthulling die iemand heeft. We vinden ware nederigheid onder al God's kinderen, onder de gelovigen over de hele wereld, zelfs onder hen die nooit iets gehoord hebben over "juist snijden van het woord der waarheid." Maar er zijn ook velen die deze op Christus lijkende houding niet tonen, ook als zeggen ze dat ze zeer "volwassen" zijn.

ONDER HET NORMALE NIVEAU

- We vinden voorvallen van nederig, vernederen, nederige houding, vernedering en nederigheid op pagina 151 van "The Keyword Concordance of the Concordant Version." De letterlijke betekenis is in principe LAAG. Nederig is niet precies hetzelfde als "zonder pretenties" of soortgelijke zaken. Nederig is "laag" in de zin van "onder het normale niveau" zijn. Hoe laag werd getoond door onze Heiland, Die, onlosmakelijk in de vorm van God zijnde, de vorm aannam van een slaaf en Zichzelf nederig maakte, en Die gehoorzaam werd tot aan de dood van het kruis. Laten we de God en vader van onze Heer Jezus Christus loven voor het ons geven van Zijn Woord, dat vele voorbeelden geeft die ons zullen helpen een beter begrip te krijgen van deze woorden "genade" en "nederigheid." Dit zal ons helpen de huidige trend in de moderne theologie te overwinnen die deze belangrijke termen neigt te devalueren.

HET MODEL EN DE VIJANDEN

- Zoals de "Skeleton Index of Philippians" (op pagina 341 van de "Keyword Concordance") laat zien zijn er twee twee oproepen om te imiteren in dit boek. De eerste heeft van doen met Christus' vernedering en de tweede met Paulus' wandel. Het eerste beroep begint met: "Laat deze houding in jullie zijn die ook in Christus Jezus is!" De twee sleutelwoorden zijn nederigheid en maakt Zichzelf nederig.

- De tweede oproep vermaant: "Wordt samen met mij navolgers, broeders, en let op hen ... die vijanden van het kruis van Christus zijn!" De volgende zinsnede bevat het sleutelwoord naar deze passage: "... wiens voleinding vernietiging is." Zoals de "Skeleton Index" laat zien, wordt Filippenzen 2:1-5 in balans gehouden door 3:17-4:9. Er is een positieve benadering tot ons thema in hoofdstuk 2, waar de nederigheid van Christus wordt gepresenteerd, en een negatieve benadering volgend op 3:17, nadat Paulus zichzelf heeft gepresenteerd als model voor de gelovigen. Het hoofdonderwerp van de brief is een oproep om zich te gedragen "als lichten in de wereld, het woord van leven hebbend" (Filip. 2:15).

HET WOORD VAN HET KRUIS

- Laten wij, om de term "vijanden van het kruis van Christus" te verklaren, een kijkje nemen in 1 Korinthe 1:17,18: "want Christus vaardigt mij niet af om te dopen, maar om te evangeliseren, niet in wijsheid van woord, opdat niet het kruis van Christus leeg gemaakt zal worden. Want het woord, het van het kruis, is inderdaad domheid voor die verloren gaan, maar voor ons, die gered worden, is het macht van God." Paulus trekt een scherpe lijn tussen dopen en evangeliseren. Het vlees zou niet langer een plaats gegeven moeten worden voor God. Indien de zondaar iets zou kunnen doen om God te bevredigen, dan zou dat het kruis van Christus "leeg" maken of van nul en gener waarde.

- Het woord van het kruis verwijst zeker naar de dood van Christus voor onze zonden. Maar er is een nog dieper belang. Het woord van het kruis benadrukt de manier van Christus' dood, en is tegengesteld aan het woord van menselijke religie en menselijke wijsheid. Aangezet door het zeer religieuze volk in Jeruzalem, probeerde Pilatus "wijs" te zijn en veroordeelde hij Jezus om aan het kruis te sterven.

- Paulus wilde het evangelie niet brengen in de wijsheid van woorden (1 Kor. 2:1-5), omdat het woord van het kruis een andere taal spreekt. Wat het menselijk oog zag op Golgotha, de vernedering, de zwakte en de schande en de verlating van Jezus door Zijn Vader, dit alles was de voorbereiding voor Christus' verhoging naar de rechterhand van de Allerhoogste. God vond het goed om Christus te kneuzen, opdat Hij alle anderen zou zegenen, opdat Hij rechtvaardig zou zijn en de Rechtvaardiger van hen die geloven, en opdat Hij op den duur al Zij schepselen met Zichzelf zal verzoenen. De verlating van Christus door God is de bron van alle redding. Dit is de dwaasheid die wijzer is dan mensen, de zwakte die sterker is dan macht, het vertoon van liefde dat uiteindelijk elk hart zal overweldigen. Het woord van het kruis wordt nog steeds veracht, maar de verkondiging er van is redding voor allen die geloven. "Want ook indien Hij gekruisigd werd vanuit zwakheid, toch leeft Hij vanuit de macht van God, want ook wij zijn zwak samen met Hem, maar wij zullen samen met Hem leven vanuit de macht van God in jullie" (2 Kor. 13:4).

- Het zou verkeerd zijn uit Filippenzen 3:18 af te leiden dat de vijanden van het kruis ongelovigen zijn. De vijanden van het kruis zijn meestal de vrienden van Christus aan het kruis; zij geloven dat Hij voor hun zonden stierf, zij aan bidden en verkondigen Hem als hun Redder, maar zij slagen er niet in het diepere belang van het woord van het kruis te verstaan.

- Zij begrijpen de wijze van Zijn dood niet; zij zien niet het belang van deze schaamtevolle kruisiging die God's vloek droeg. Zij zouden kunnen geloven dat, in God's ogen, onze oude mensheid samen met Hem gekruisigd werd (Rom. 6:6), maar zij zijn zich niet bewust dat de wijze van Christus' vernederende dood een einde maakte aan alles wat de mens in zichzelf is. Ook al kunnen zij zich de werkzaamheid van Zijn bloed ten nutte maken, toch zijn zij vijanden van Zijn kruis, omdat zij niet van de gemakken van het leven en persoonlijke voordelen, hun zelf-achting en hun zelf-rechtvaardigheid willen scheiden. Zij verlangen er niet naar in Hem alleen gevonden te worden; zij willen "iemand" blijven en een erkenning van geleverde diensten ontvangen. Maar dit maakt hen vijandig aan het kruis en de vernedering die er mee verbonden is.

IN DE GELIJKENIS AAN ZIJN DOOD EN ZIJN OPSTANDING

- Wij zullen niet in alle opzichten vijanden van het kruis zijn, maar wij vertonen vrijwel allemaal een paar spoortjes van deze vijandige houding en zien dus deze straf onder ogen: "...wiens voleinding vernietiging is..." We zullen proberen te ontdekken wat hier en elders vernietiging betekent. Wat voor soort vernietiging is het lot van gelovigen die vijanden van het kruis zijn? Tast het hun uiteindelijke bestemming aan? Of is er ook een redding uit?

- We vinden een troostend antwoord op onze vraag aan het einde van 2 Timotheüs 2:13. "Hij kan Zichzelf niet ontkennen!" Dit is wat Paulus zegt nadat hij de ideale strijd had gestreden en zijn loopbaan had afgesloten en de dood en lijden voor ogen had, kwaad lijdend als een misdadiger. Maar "Omwille van dit verduur ik alles vanwege de uitgekozenen, opdat ook hen redding ten deel zal vallen, van die in Christus Jezus, met aionische heerlijkheid" (2 Tim. 2:10).

- Paulus wist dat deze redding zijn deel was en dat de uitgekozenen ze zouden verkrijgen, hoewel niet iedereen van hen, aangezien er zijn van wie de voleinding vernietiging is. Maar hoe kunnen we het vermijden? We zullen het antwoord vinden in de volgende verzen van 2 Timotheüs. "Betrouwbaar is het woord, want indien wij samen stierven, zullen wij ook samen leven" (2:11).

- Dit klinkt erg als Romeinen 6:8. "Indien wij nu samen met Christus stierven, geloven wij dat wij ook samen met Hem zullen leven". Hoewel we om niet gerechtvaardigd zijn in Zijn genade, door de verlossing die is in Christus Jezus, zal deze rechtvaardiging ons niet er van weerhouden om te zondigen. Daarom wordt ons de verdere waarheid gegeven dat wij ook betrokken zijn in Christus' dood. Dit betekent dat, in God's ogen, wij stierven in verband met zonde. Zo'n dood is zeker een spraakfiguur. Maar als "stierven met Christus" niet letterlijk is, dan kan "ook leven met Hem" in Romeinen 6:8 ook niet letterlijk zijn. Hier hebben we een zeer sterke spraakfiguur voor wat "wandelen in nieuwheid van leven" wordt genoemd in Romeinen 6:4. Want wij zijn samen geplant in de gelijkenis aan Zijn dood en aan Zijn opstanding.

- Tussen Christus' dood en opstanding was er het graf. In het geval van onze Heer was het graf net zo letterlijk als Zijn dood en Zijn opstanding dat waren. Wanneer Romeinen 6:4 zegt dat wij samen met Hem begraven werden, weten we allemaal dat dit in ons geval figuurlijk moet zijn. Maar onze figuurlijke begrafenis met Hem kan niet leiden tot onze letterlijke "opstanding," maar veeleer naar die welke is als de letterlijke opstanding, namelijk, om te wandelen in nieuwheid van leven.

- Toekomstig aionisch leven zal aan elke gelovige worden toegewezen, geheel buiten zijn wandel om. Om het feit te benadrukken dat dit lotdeel van ons veilig is, heeft God ons verzegeld met de heilige geest van belofte, omdat wij het woord van waarheid horen en het geloven (Efe. 1:13,14). Dit betekent dat wij ons toekomstige aionische leven niet kunnen verspelen, ook al zijn we vijanden van het kruis. Want Christus, Die ten behoeve van ons stierf, kan Zichzelf niet verloochenen. Daarom kan 2 Timotheüs 2:11 alleen maar verwijzen naar het huidige genieten van aionisch leven. "Betrouwbaar is het woord, want indien wij samen stierven, zullen wij ook samen leven," ook al zijn we nog steeds in dit lichaam van onze vernedering.

OVERVLOED AAN GENADE - VOLHARDING

- Samen sterven met Christus zal leiden tot een redding van de vernietiging in Filippenzen 3:19. Zelfs toen Paulus zijn verdrukkingen onderging was hij zeker van het verkrijgen van een redding in Christus Jezus met aionische heerlijkheid. Deze heerlijkheid wordt aangegeven door de goddelijke uitspraak in 2 Timotheüs 2:12. "...indien wij verduren zullen wij ook samen koning zijn." Hier worden we weer herinnerd aan een vers in Romeinen: "Want indien door de misstap van de ene de dood koning is door de ene, veel meer zullen zij die de overvloedigheid van genade en van het geschenk van de rechtvaardigheid in ontvangst nemen in leven koningen zijn door de Ene, Jezus Christus"(15:17).

- In 1 Korinthe 6:7-10 vermeldt Paulus, onder anderen, die onrechtvaardige broeders en zusters die niet samen met Christus zullen regeren, of, zoals hij het stelt, zij zullen niet een lotdeel genieten van God's "basileia." Laten we, om een grondig begrip te krijgen van de volle betekenis van dit Griekse zelfstandig naamwoord, kijken naar het overeenkomende werkwoord "basileuo" in onze "Keyword Concordance," pagina 243. We zullen het daar vinden aan het einde van de linker kolom onder het sleutelwoord "regeren," dat uitgelegd wordt als "het uitoefenen van de soevereiniteit van een koning."

- Op dezelfde wijze wordt basileia gebruikt voor de soevereine kracht in het gebied van een koning ("Keyword Concordance," pagina 168). In de toekomst zullen veel leden van Christus' lichaam zulke soevereine macht uitoefenen onder Christus als hun Hoofd. Geen lid zal, uiteraard, absolute soevereiniteit genieten, maar alleen die welke aan hem of haar toegewezen zal worden. Dit is het speciale lotdeel van God's basileia. Het is een lotdeel van Zijn koninkrijk of Zijn soevereine macht.

- In 1 Korinthe 5:11 had Paulus zijn lezers gewaarschuwd "Maar nu schrijf ik jullie geen omgang te hebben met iemand die, in het geval dat hij broeder genoemd wordt, een ontuchtige man of hebzuchtige of afgodendienaar of schelder of dronkaard of roofzuchtige zal zijn, met de zulke zelfs niet samen te eten." Nu, in 1 Korinthe 6:7 voegt anderen toe aan deze lijst, ten eerste allen die rechtszaken onder elkaar hebben, dan zij die anderen beschadigen en bedriegen. En hij stelt de vraag: "Waarom worden jullie niet veeleer onrecht gedaan, waarom worden jullie niet veeleer benadeeld?" En hij gaat voort: "Maar jullie doen zelf onrecht en benadelen, en dit onder broeders!"

- Dit dient er toe om te laten zien dat Paulus hier niet bezig is met die broeders die al deze vernederingen willen verdragen, Hij beperkt zich eerder tot hen die anderen beschadigen of vinnig antwoorden, aangezien zij niet in staat zijn zich stil te houden wanneer zij beschadigd worden. In God's ogen zijn beide groepen onterecht bezig, en daarom zullen zij niet regeren. Alleen "als wij verduren, zullen wij ook samen regeren." Maar het wordt uit zowel 2 Timotheüs 2:12 als Romeinen 5:17 duidelijk dat zulk verdragen het deel is van "hen die de overstijging van genade verkrijgen" in toevoeging aan het om niet verkrijgen van rechtvaardigheid.

- Voor zover het God's geschenken voor vandaag betreft, moeten wij de ontvangers zijn van niet alleen de om niet verkregen rechtvaardigheid, maar ook van de allesoverstijging van genade, om geschikt te worden voor het regeren in het leven door de Ene, Jezus Christus. Onder andere wordt de overvloed aan genade gedemonstreerd door het verdragen. En verdragen is een goede manier om de houding na te doen die door Christus Jezus werd getoond (Filip. 2:5). De meesten van ons willen wel dienen, maar slechts weinigen kunnen vernedering doorstaan. Maar dit is nu precies wat de allesoverstijging van genade ons wil schenken.

VERNEDERING ONTLOPEN

- "... indien wij loochenen [Christus' houding] zal Deze ook ons loochenen"(2 Tim. 2:12). Wanneer we proberen vernedering en volharding te ontlopen, verloochenen we Christus. Indien wij niet met Hem mee willen gaan in de diepten van vernedering, zullen we geen kans hebben om samen met Hem te regeren in de hemelse gebieden. Voor zover het gaat om een lotdeel in soevereine kracht, zal Hij ons verloochenen. Dit bewijst dat we op een zekere dag verlies zullen lijden vanwege onze huidige wandel. Niemand zal zijn of haar lotdeel van aionisch leven verliezen, niemand zal zijn of haar lidmaatschap in het lichaam van Christus verliezen als hij of zijn een gelovige is. Maar voor de daïs zullen sommigen van ons benoemd worden om samen met Christus te regeren en anderen niet, hoewel we allen gezeten zullen zijn temidden van de hemelingen, in Christus Jezus, en elk van ons zal meer dan genoeg gelegenheid hebben om zijn of haar eigen verhaal van genade te vertellen aan een hemels publiek.

- Paulus gaat voort te zeggen in 2 Timotheüs 2:13, "...indien wij ontrouw zijn, Deze blijft trouw, Hij kan Zichzelf niet loochenen." Een heilige kan één of twee goddelijke uitspraken niet geloven, of zelfs een heleboel, en hij kan zich zelfs er niet van bewust zijn. Hij kan mogelijk niet geloven dat volharden inbegrepen is in de overvloeiing van genade en dat de apostel dit voor ogen had toen hij zei: "Omwille van dit verduur ik alles vanwege de uitgekozenen, opdat ook hen redding ten deel zal vallen, van die in Christus Jezus, met aionische heerlijkheid" (2 Tim. 2:10). Dit is een zeer passende omschrijving van de genade die aan ons betoond is. Aangezien ze allesoverstijgend is kan Christus Zichzelf niet ontkennen, Hij kan Zijn houding van vriendelijkheid en mededogen niet wegdoen. Hij blijft trouw, zelfs als wij op een of ander punt niet geloven, zodat wij de geest van God verdriet doen.

- Zelfs zij van wie de buik hun god is en van wie hun heerlijkheid in hun schande is, die geneigd zijn naar het aardse (Filip. 3:19), die vijanden van het kruis van Christus zijn, ook al dommelen zij (1 Thess. 5:10) en Zijn komst niet altijd verwachten, toch zal Hij hen roepen, met een bevelsroep, met de stem van de Hoofd Boodschapper, en met de trompet van God (1 Thess. 4:16), en Hij zal de lichamen van hun vernedering omvormen, om ze gelijk te maken aan het lichaam van Zijn heerlijkheid, want Hij "blijft trouw, Hij kan Zichzelf niet loochenen."

- De allesoverstijging van genade bracht Paulus niet alleen volharding in verdrukking, maar ook redding van de vernietiging die in Filippenzen 3:19 wordt genoemd. Met dit in gedachten kon hij in 1 Timotheüs 4:6,16 schrijven dat zijn kind in het geloof zichzelf zou onderhouden of voeden met de woorden van geloof en van het ideale onderwijs en ook dat hij daarin zou volharden. De apostel voegde toe: "... want dit doende zal jij én jezelf én die jou horen redden."

DE BETEKENIS VAN VERNIETIGING

- Er is een achttien paginas lang artikel in Unsearchable Riches, jaargang XXI, beginnend op pagina 451, waarin de "Betekenis van vernietiging" wordt besproken. Deze uiteenzetting wordt van harte aanbevolen aan de lezer die dit onderwerp intensief wil bestuderen. Het Griekse zelfstandig naamwoord apoleia - vernietiging - komt minder vaak voor dan het werkwoord apollumi, en we moeten drie werkwoorden gebruiken - verliezen, vernietigen en vergaan - om het passend weer te geven, zoals aangetoond wordt door het volgende citaat uit het artikel waar zojuist naar werd verwezen.

ALLEEN DIE VERLOREN GAAN ZIJN VERKIESBAAR VOOR REDDING

- Zoals we vaak aangeduid hebben is de uitspraak dat de Zoon des Mensen kwam om de verlorenen te zoeken en redden (Luc. 19:10) de sleutel tot de betekenis van het Griekse werkwoord apollumi, dat we weergeven met verliezen, vernietigen of vergaan. Dit verwijst in het bijzonder naar Zaccheüs in Lucas 19; hij was verloren, vernietigd. Omdat hij verloren was was hij klaar om gevonden en gered te worden. Het echte doel van de meeste valse definities van apollumi is om te bewijzen dat het een dood betekent van waaruit geen opstanding is, in de praktijk dus vernietiging, een toestand van waaruit redding onmogelijk is. Deze passage vernietigt direct deze gedachte. In plaats van verloren te zijn voorbij redding, komen alleen zij in aanmerking voor redding. Je kunt iemand die veilig en wel is niet redden. Het is alleen wanneer hij in een toestand is die wordt aangeduid met verliezen, vernietigen of verloren gaan, dat redding werkzaam ten behoeve van hem of haar kan werken.

VERNIETIGING IS DE INLEIDING TOT REDDING

- Vernietiging is een relatieve term. In de vijfvoudige gelijkenis van Lucas 15 en 16 was het verloren schaap verloren in relatie tot de herder; het muntje was vernietigd voor zover het de vrouw betrof; de verloren zoon was vergaan in relatie tot zijn vader. Hetzelfde is toepasbaar op de verloren schapen van het huis Israel (Matt. 10:6; 15:24). Ze waren niet noodzakelijk aan het lijden of dood, maar ze waren weg van de Herder; de verloren zoon was ver weg van de Vader. Bewijst dit dat zij buiten het gebied van redding waren? Het bewijst het tegendeel. De negen-en-negentig werden toen niet gevonden. De oudere broer werd toen niet gered. Vernietiging is de inleiding tot redding. Het betekent nooit vernietiging tot niets, hoe nauw het in sommige gevallen ook die gedachte benadert.

NOOIT BUITEN HET BEREIK VAN GOD

- Het is beslist niet aan een mens of God om hen die verloren zijn uit hun bestaan te helpen. Er is in God's Woord geen vers van bemoediging voor deze gedachte. God beveelt Zijn liefde aan ons hierin aan dat Hij Zijn Christus gaf terwijl wij nog zondaren waren. Onze Heer sprak de gelijkenis van het verloren schaap om Zijn discipelen er van te verzekeren dat God Zich meer zorgen maakte over het ene schaap dat weggelopen was, dan over de negen-en-negentig die in de kudde waren. Er is geen grens die de zondaar oversteekt die hem buiten het bereik van God brengt. Leven noch dood, een loopbaan van zonde, noch een lijk dat aan het vergaan is, zijn een obstakel voor goddelijke liefde. Nee, ze zijn uitdagingen die Almacht moet overwinnen of anders verlies lijden. Geen dood, de eerste noch de tweede, kan onze God aan of kan Zijn doelstelling frustreren.

GOD IS DE GROTE VERLIEZER EN REDDER VAN DE MENSHEID

- God is liefde en al Zijn schepselen zijn Hem lief. Is het niet opvallend dat Hij zelfs niet schijnt te proberen om Zijn aanhankelijkheid uit te drukken totdat zij verloren zijn? Wie heeft God lief? Hij houdt zonder twijfel van allen. Van wie zegt Hij dat Hij houdt? God heeft de wereld en zondaren en Zijn vijanden lief, en zij die verloren zijn. Er is vernietiging nodig om de sluizen van de goddelijke gevoelens te openen. Dit is wat contact maakt tussen God's liefde en de harten van Zijn schepselen. In Zijn wijsheid heeft Hij besloten dat velen voor Hem verloren zullen gaan tot aan het einde van de aionen. Mensen, die vaak gedwongen worden een onderneming te verlaten die te hoog gegrepen blijkt te zijn voor kun krachten, denken dat ook Hij gedwarsboomd kan worden en niet in staat is de grote meerderheid te redden, of dat het Hem, als Hij wel in staat is, niet kan schelen.

- Het is als God om op zo'n manier met hen te handelen die geen verlangen naar God hebben, dat zij op Zijn liefde zullen antwoorden. Het schaap was door de herder verloren; de munt was door de vrouw verloren; de verloren zoon was door de vader verloren; Israel was door IEUE verloren. Mensen zijn door God verloren. Wie was het Die hen schiep? Zijn zij niet Zijn werk? Zal Hij niet de Verliezer zijn als zij niet gered worden?

VERNIETIGING EEN VOORBIJGAAND PROCES

-Vernietiging is, net als redding, aionisch. Het is niet het einde of doel van God. Dat zou dwaasheid zijn. Denk je God in, Wiens essentie liefde is, Die zou willen ook maar één enkel schepsel te verliezen met een eindeloos vermogen om Hem lief te hebben en te verheerlijken! Denk je de man in die zo gek zou zijn een machine te vernietigen die hem een onbeperkt inkomen zou kunnen brengen! We zouden zo'n schepsel onder beperking stellen, waar hij anderen, en zichzelf, geen kwaad kan doen. Zo'n God hebben wij niet! Hij vernietigt niets dat Hij niet kan herstellen. Hij verliest niets dat niet tot Hem, beladen met lof en heerlijkheid voor Zichzelf, zal terugkeren. Vernietiging is een voorbijgaand proces, niet een voltooide toestand. Daar doorheen zal God het welzijn van Zijn schepselen uitwerken en de heerlijkheid van onze Redder en Zijn Vader.

- Het woord "leven" komt in Lucas 9:24 niet voor. De Griekse handschriften hebben "psuche", wat het woord is voor ziel. Onze Heer sprak nooit over het verliezen van ons leven, maar veeleer over het vernietigen van iemand's ziel. Het feit dat veel van onze Bijbelvertalingen ziel zo vaak weergeven met leven, heeft geleid heeft tot een betreurenswaardige verwarring over dit onderwerp. Slechts weinigen zijn zich er van bewust dat de ziel het gevoel is dat voortkomt uit het combineren van geest met een organisch lichaam. Onze lezers kunnen Schriftuurlijk bewijs hiervoor vinden in ons pamflet "Wat is de ziel?" Jesaja moet geweten hebben dat het de ziel van de mens is die het gevoel van honger en dorst heeft (Jes. 29:8). U kunt dit zelfs terugvinden in uw "King James vertaling." De American Revised Standard Version, echter, laat het woord "ziel" hier helemaal weg.

- Onze Heer sprak niet over enige vernietiging van de ziel toen Hij zei: "Want wie in het geval dat hij zijn ziel zou willen redden, hij zal haar verliezen, maar wie ook maar zijn ziel zou verliezen wegens Mij, deze zal haar redden." Dit betekent dat hij die het gevoel van wereldse troost voor zichzelf zal willen redden, voor zichzelf het genieten van aionisch leven zal verliezen of vernietigen. Maar hij die nu het gevoel van de geneugten van dit leven zal verliezen om wille van Jezus, zal voor zichzelf de geneugten van aionisch leven bewaren. Of, zoals het Concordant Commentaar het in Lucas 9:23 stelt:

"Met Zijn vooruitzichten veranderd van een heerlijk koninkrijk naar die van verwerping en dood, worden ook Zijn discipelen veranderd. Het zal hen veel kosten Hem te volgen op Zijn pad van verwerping. Het zal dagelijkse zelfverloochening meebrengen. Het zal betekenen dat ze een last moeten dragen die hen schande en lijden zal brengen. Maar de hoogste eren van het koninkrijk zijn voor zulke mensen. Zij die met hem lijden, regeren met Hem. Indien een van Zijn discipelen er de voorkeur aan gaf dit lijden te ontlopen en zo zijn ziel te redden (niet zijn leven), zal hij de vreugden en eren van het koninkrijk verliezen. Indien iemand er voor kiest zijn ziel te verliezen door een verbintenis met Hem in Zijn verwerping, zal hij die redden, want zijn plaats zal hoog zijn in het koninkrijk. "

- De passage in Lucas 9:23-25 eindigt met de goddelijke uitspraak: "Want wat baat het een mens, als hij de hele wereld wint, maar zichzelf verliest of verbeurd wordt?" Voor de Joodse gelovige in de tijd van het einde, is het antwoord: Hij zal zelfs aionisch leven verspelen; hij zal geen enkele zegen van het millennium genieten, want hij is een verworpene, een verdorde tak van de wijnstok (Joh. 15:1-6).

- Er zal aan de wijnstok geen schade berokkend worden wanneer de boer de kale takken wegneemt. Maar een menselijk lichaam zou verminkt worden als sommige van de leden er van afgesneden werden. Dat is waarom wij, onder genade, nooit aionisch leven zullen verspelen. De Vader zal geen enkel lid van Christus' lichaam verwijderen, zelfs als dit er totaal niet in slaagt de vrucht van de geest te tonen, zoals liefde, blijdschap, vrede, geduld, vriendelijkheid, goedheid, trouw, mildheid, zelf-controle (Gal. 5:22). Christus' banden met ons zijn zo krachtig dat Hij ze uitlegt door de intieme relatie van een lichaam met haar leden. Zij zullen nooit van Hem gescheiden worden.

- We worden herinnerd aan Jezus' woorden "de hele wereld winnend" wanneer we lezen over hen wiens buik hun god is, en wiens heerlijkheid in hun schande is, die op het aardse gericht zijn. Voor zulke vijanden van het kruis is de voleinding vernietiging of verspeling of verlies. Maar terwijl een Joodse gelovige (die ten tijde van Jacob's verdrukking toegeeft aan de druk van de Tegenstander om zo lijden te vermijden) de zegen van de gelukzaligheid van het millennium volledig zal verspelen, zal dit vandaag niet gebeuren voor een vijand van het kruis. Zelfs als de laatste toe zal geven aan de redeneringen van de wijsheid van de wereld en aan zijn eigen zielse verlangens, zo vernedering in contact met anderen vermijdend, zal hij nooit zijn hemelse zegeningen verspelen. Hij zal echter de eer van regeren in die toekomstige tijd verspelen. Dit is één aspect van vernietiging in Filippenzen 3:19.

- Proberen God een genoegen te doen is een geduldig proces, dat nooit voltooid zal worden zolang wij in dit lichaam van onze vernedering zijn. In de opstanding, voor de daïs, wordt dit hele proces in één keer geperfectioneerd. Onsterfelijkheid brengt een beslist einde aan de aanwezigheid van zonde in ons, en brengt de voleinding van een vijandige houding ten opzichte van het kruis van Christus tot stand. Er zullen bij de daïs niet zulke vijanden zijn. Wat hier in beeld is, is niet zozeer een ophouden van hun vijandschap, maar veeleer wat bereikt is door de vernietiging van alles wat niet past bij onze heilige roeping. Hier hebben we een ander aspect van de vernietiging in Filippenzen 3:19 - de afbraak van die barrières die een nauwer contact tussen God en de vijanden van het kruis hadden voorkomen.

- Paulus gaf zichzelf als een model en vroeg zijn lezers zijn houding na te doen, Christus kennend en de kracht van Zijn opstanding en de gemeenschap aan Zijn lijden (Filip. 3:10,17). Zo toonde de apostel de houding die is in Christus Jezus, en vernederde zichzelf op vele manieren, alles verspelend dat hij aan aardse eren had gewonnen. Hij was de gehoorzame slaaf van de Heer tot aan de dood. Paulus' nederigheid wordt ook duidelijk uit zijn belijdenis (1 Kor. 15:10).

"Maar in de genade van God ben ik wat ik ben,
en Zijn genade, die in mij is,
was niet leeg geworden,
maar ik zwoeg bovenmatiger dan zij allen.
Echter niet ik, maar de genade van God,
die samen met mij is."

- We moeten niet verbaasd worden door hen die in alles tegenstaan, wat voor hen een bewijs van vernietiging is, maar van ons voor redding. Er is veel troost in Paulus' woorden (Filip. 1:17-30), dat dit alles uit God is, dat ook voor ons het genadevol geschonken wordt, ten behoeve van Christus, niet alleen om in Hem te geloven, maar ook om ten behoeve van Hem te lijden. Laten wij daarom de God en Vader van onze Heer Jezus Christus loven, de Vader van heerlijkheid, de Vader van mededogen en God van alle vertroosting, opdat, net zoals het lijden van Christus allesoverstijgend in ons is, zo, door Christus, onze vertroosting ook allesoverstijgend is, vanwege de overvloedigheid van Zijn genade!

EINDE


Dit artikel werd hier geplaatst met toestemming van
©Concordant Publishing Concern
en mag niet zonder toestemming van deze worden overgenomen
in druk of op het internet.