"Voor de vrijheid bevrijdt Christus ons! Sta dan krachtig en weest niet opnieuw onderworpen aan een slavenjuk"
(Gal. 5:1;HBN)
Ik ben vrij!
Dat is wie en wat Vader zegt dat ik ben.
De Here Jezus Christus heeft mij vrij gemaakt.
"Indien dan de zoon jullie zou bevrijden, zullen jullie werkelijk vrij zijn"
(Joh. 8:36;HBN)
Christus' geest, in mij inwonend, heeft mij vrij gemaakt.
"waar de geest van de Heer is, is vrijheid"
(2Kor. 3:17;HBN)
Zijn waarheid heeft mij vrij gemaakt.
"En jullie zullen de waarheid kennen en de waarheid zal jullie vrij maken."
(Joh. 8:32;HBN)
Ik ben vrij van het knechtschap van de zonde.
"Nu, vrij gemaakt van de zonde, zijn jullie slaven geworden van de gerechtigheid"
(Rom. 6:18;HBN)
"Maar nu, bevrijd zijnde van de zonde, en slaaf geworden van God, hebben jullie je heiliging tot vrucht"
(Rom. 6:22;HBN)
"in Wie wij de loskoping hebben door Zijn bloed, de losmaking van de zonden naar de rijkdom van Zijn genade"
(Efe. 1:7;HBN)
"in Wie wij de loskoping hebben, de losmaking van de zonden"
(Kol. 1:14;HBN)
Ik ben vrij van de knechtschap van veroordeling en schuld.
"Daarom: er is nu geen veroordeling voor hen in Christus Jezus,"
(Rom. 8:1;HBN)
"33 Wie zal uitverkorenen van God aanklagen? God is de rechtvaardigende!
34 Wie is de veroordelende? Christus Jezus, de stervende, maar wat meer is: de opgewekt zijnde, Die ook is aan de rechterhand van God, Die ook pleit voor ons."
(Rom. 8:32,33;HBN)
Ik ben vrij van het knechtschap van de religie.
"20 Indien jullie afstierven, samen met Christus, van de beginselen van de wereld, waarom worden jullie onderworpen aan inzettingen alsof levend in de wereld?
21 Jullie zouden niet aan moeten raken, jullie zouden niet moeten proeven, jullie zouden niet in contact moeten komen,
22 wat allemaal in verderving gaat door het gebruik, naar de voorschriften en leringen van de mensen,
23 wat is (inderdaad een roep van wijsheid hebbend in gewilde verering en nederigheid en niet-sparen van het lichaam) niet van enige waarde tot het oververzadigen van het vlees."
(Kol. 2:20-23;HBN)
Ik ben vrij van het knechtschap van traditie.
Ik ben niet gebonden door de ijdele, religieuze tradities van de mensen.
"het woord van God krachteloos makend door jullie traditie"
(Marc. 7:13;HBN)
"Doch tevergeefs vereren zij Mij, leringen onderwijzend die aanwijzingen zijn van mensen"
(Matt. 15:9;HBN)
Ik ben vrij van het knechtschap van vrees.
"Want God geeft ons niet de geest van vrees, maar van kracht en van liefde en van gezond verstand."
(2Tim. 1:7;HBN)
Ik ben vrij van het knechtschap van de mening van anderen.
"Nu is het voor mij het minste dat ik door jullie onderzocht zou worden, of door de mensendag. "
(1Kor. 4:3;HBN)
Vrijheid is mijn geboorterecht!
"Want jullie hebben niet een geest van slavernij gekregen, om opnieuw vrees te hebben, maar jullie hebben de geest van zoonschap gekregen, door welke wij roepen: ABBA, Vader!"
(Rom. 8:15;HBN)
Ik ben vrij om te leven, te dienen, lief te hebben, om te zijn wie ik ben in Christus!
Ik ben wie en wat Vader zegt dat ik ben.
Ik ben vrij!
"Die ... ons overbrengt in het koninkrijk van de Zoon van Zijn liefde,"
(Kol. 1:13;HBN)
Ik ben overgebracht.
Dat is wie en wat Vader zegt dat ik ben.
Velen in het Christendom zitten gevangen in een aards burgerschap. Ze zijn zo gemakkelijk afgeleid door de dwarsstromingen van de heidense "beginselen van de wereld" (Gal. 4:3), want echt, "waarom woeden de heidenen, en bedenken de volken ijdelheid?" (Psalm 2:1;SV; Hand. 4:25)
Satan is op dit moment aangesteld als "de god van deze wereld" (2Kor. 4:4). God gebruikt hem als een instrument om de koninkrijken op te zetten en te verwijderen, en de heersers van de wereld om Zijn doelstelling van de tijden te vervullen.
"Want Hij [God] verandert de tijden en stonden; Hij zet de koningen af, en Hij bevestigt de koningen; Hij geeft den wijzen wijsheid, en wetenschap dengenen, die verstand hebben;"
(Dan. 2:21;SV)
"de Allerhoogste heerschappij heeft over de koninkrijken der mensen, en geeft ze aan wien Hij wil, ja, zet daarover den laagste onder de mensen"
(Dan. 4:17, 25, 32; 5:21)
Het is God Die de zaken van deze Aarde richting geeft, inclusief de politieke wereld, en Hij gebruikt het instrumentarium van de Tegenstanden om Zijn doelstelling onder de natiën te bereiken, ze alle onder ijdelheid besluitend.
"17 Laat hen beschaamd en verschrikt wezen tot in eeuwigheid, en laat hen schaamrood worden, en omkomen;
18 Opdat zij weten, dat Gij alleen met Uw Naam zijt de HEERE, de Allerhoogste over de ganse aarde.
"
(Psalm 83:17,18;SV)
"En al de inwoners der aarde zijn als niets geacht, en Hij doet naar Zijn wil met het heir des hemels en de inwoners der aarde, en er is niemand, die Zijn hand afslaan, of tot Hem zeggen kan: Wat doet Gij?"
(Dan. 4:35;SV)
Dit zei de Here Jezus Christus tot Pilatus:
"U heeft geen enkel gezag tegen Mij, indien het niet van boven aan u was gegeven."
(Joh. 19:11;HBN)
God, echter, heeft mij overgebracht van de ijdele koninkrijken van deze wereld, naar het heerlijke koninkrijk van Zijn Geliefde Zoon. Deze wereld is niet mijn thuisland, omdat ik een burger ben van een rijk in de hemelen.
"Want ons burgerschap is in de hemel"
(Filip. 3.20; vertaald uit de King James vertaling
"Ons burgerschap in de hemelen"
(Filip. 3:20; vertaald uit Rotherham's Emphasized Bible, 1868)
"Ons burgerschap is in de hemelen"(Filip. 3:20; vertaald uit Young's Literal Translation, 1898)
"Ons rijk heeft haar bestaan in de hemelen"
(Filip. 3:20; vertaald uit Darby Translation, 1890)
Met dankzegging omarm ik het feit dat ik goddelijk "overgebracht" ben in Zijn hemelse domein. Daarom ben ik "mede-burger van de heiligen"(Efe. 2:19;HBN) - hier een vreemdeling - een burger van het hoge gebied.
J.C. O'Hair (1876-1958) schreef het volgende in zijn werk "Ambassadors of Reconciliation:"
Het woord "conversation" (in de King James versie van Filip. 3:20) zou vertaald kunnen worden met "burgerschap" of zelfs "politiek". Het burgerschap en de politiek van iedere vertegenwoordiger van Christus is in de hemel. De gelovige is in de wereld, maar niet van de wereld. Hem is het woord van verzoening toevertrouwd. Hem is de bediening van de verzoening gegeven."
Bill (William) Petri voegt ook zijn stem toe aan deze discussie, in zijn werk "Government, War, and the Christian" (2008, p. 11):
"Het woord "conversation" in Filippenzen 3:20 is een interessant woord. Het is het Griekse woord "politeuma" en betekent "het rijk van burgers." Het is interessant dat, in de Engelse taal, wij ons woord voor politiek ontlenen aan dit Griekse woord."
David C. Pack deelt in "Do Christians Vote?" met ons de betekenis van het woord politeuma en de toepassing er van door Paulus van de zinsnede "Lichaam van Christus":
"Het Griekse woord voor burgerschap is politeuma. 'Politiek' komt voort uit dit woord! Christenen hebben een politiek agenda, maar die is niet van deze wereld."
Paulus leert ons dat wij, als leden van Christus' Lichaam, al een burgerschap hebben, en dat is in de hemel. Onze regering is daar; onze Koning is daar; onze politiek is daar.
Ik behoor niet bij een aards koninkrijk; dat van mij is een hemels.
"De Heer ... zal mij bewaren in Zijn hemelse koninkrijk."
(2Tim. 4:18;HBN)
Aardse heersers zijn niet de mijne; Christus is mijn Koning en enige Potentaat.
"... onze Heer Jezus Christus, Die op Zijn tijd zal tonen de blije en enige Potentaat, de Koning van de koningen, en de Heer van de heren,"
Dit hemelse koninkrijk is MIJN roeping:
"en getuigen tot jullie te wandelen God waardig, Die jullie roept in Zijn koninkrijk en heerlijkheid."
(1Thess. 2.12;HBN)
Ik ben wie en wat Vader zegt dat ik ben.
Ik ben overgebracht.
Door naar deel 10.