Heb ik een identiteitscrisis?
Ik ben wie en wat God zegt dat ik ben!
---
Deel 11:
Ik ben lotdeelgenieter.
Ik ben voorbestemd.

door
Clyde L. Pilkington Jr.

Ik ben lotdeelgenieter.

"gezamenlijk lotdeelgenieters van God en van Christus"
(Rom. 8:17;HBN)

Ik ben lotdeelgenieter, een lotdeelgenieter van God.

Dat is wie en wat Vader zegt dat ik ben.

Vader heeft gewild dat ik Zijn lotdeelgenieter ben. Dit is een absoluut verbazingwekkende waarheid. Ik zou zoiets nooit gedroomd kunnen hebben, zelfs niet in mijn wildste fantasie. Zoals met alles wat ik door mijn eenheid met Christus heb, als het niet opgeschreven zou zijn in de Schrift zelf, zou ik het zeker tegen moeten spreken als zijnde godslastering.

En toch... het is waar! Ik BEN een lotdeelgenieter van God. Vader zegt dat ik het ben.

"de Vader dankend, Die jullie bevoegd maakt voor het aandeel in het lot van de heiligen in het licht"
(Kol. 1:12;HBN)

"verlicht zijnd de ogen van jullie harten, in jullie waarnemen van de verwachting van Zijn roeping, wat de rijkdom van de heerlijkheid van Zijn lotdeel onder de heiligen is"
(Efe. 1:18;HBN)

God bezit ALLES.

De simpele waarheid is dat Vader alles in bezit heeft!

"Want de Aarde is van de Heer en haar volheid."
(1Kor. 10:26;HBN)

De Here Jezus Christus is lotdeelgenieter van ALLES.

De Here Jezus Christus is tot lotdeelgenieter gemaakt van alle dingen die van Zijn Vader zijn.

"Die Hij stelt tot lotdeelgenieter van alle dingen"
(Hebr. 1:2;HBN)

Ik ben gezamenlijk lotdeelgenieter met Christus.

Door mijn eenheid met de Zoon van God ben ook ik in de zoonschap-lotdeelgenieting van de Vader gekomen. Ik ben nu aangesteld als gezamenlijk-lotdeelgenieter met Hem, als lid van Zijn Lichaam.

"Zodat jullie niet langer slaaf zijn, maar zoon. Maar indien zoon, dan ook lotdeelgenieter door God!"
(Gal. 4:7;HBN)

"Maar indien kinderen, dan ook lotdeelgenieters; jazeker, gezamenlijk lotdeelgenieters van God en van Christus."
(Rom. 8:17;HBN)

Christus' Lichaam is lotdeelgenieter van alles wat God bezit. Het Lichaam van Christus is, met de Here Jezus Christus als haar Hoofd, bestemd om in alles te delen wat God bezit.

Het lotdeel is gereserveerd.

Ik zal pas het volle bezit van heel mijn lotdeel krijgen bij de opstanding. De Aarde en al haar volheid zijn op dit moment onderverhuurd aan de zonen van Adam. De hemelen en heel hun volheid zijn op dit moment onderverhuurd aan de hemelse menigten. God en Zijn Christus zijn nu in Koninklijke Verbanning, "boven alle hemelen"(Efe. 4:10); maar op een dag zal dat allemaal veranderen.

Mijn lotdeel is op dit moment voor mij gereserveerd in de hemel (Kol. 1:5). Ik moet, terwijl ik doorheen mijn dagen werk, niet vergeten dat ik de zoon ben van mijn Vader, en zo een lotdeelgenieter van alle dingen. Soms leef ik in de omstandigheden als een verslagen zoon van Adam. Maar dit is een ontkenning van mijn ware identiteit, en wanneer ik zo leef, leef ik in valsheid en hypocrisie.

Co-regenten van het universum.

Christus' Lichaam zal op een dag het heersende Lichaam van het universum zijn.

"indien wij volharden zullen wij ook samen heersen"
(2Tim. 2:12;HBN)

Het Griekse woord dat hier wordt vertaald met "heersen", is Strong's Greek Lexicon #4821, sumbasileuo, en dat betekent "co-regent zijn". Webster definieert "regent" als "een bestuurder; een heerser, .. iemand die plaatsvervangend gezag heeft toebedeeld gekregen."

Het Lichaam van Christus zal samen heersen als co-regenten met de Here Jezus Christus, omdat de Vader ons één heeft gemaakt met Hem, als ons Hoofd. Het is dan ook niet verbazingwekkend dat Paulus aan de Korinthiërs kon schrijven over hun aardse, vleselijke en onvolwassen gedrag:

"Of hebben jullie niet waargenomen dat de heiligen de wereld zullen oordelen?"
(1Kor. 6:2;HBN)

"Hebben jullie niet waargenomen dat wij boodschappers zullen oordelen?"
(1Kor. 6:3;HBN)

Door God's mateloze en niet te evenaren genade ben ik tot deel van het Lichaam van Zijn lotdeelgenieting gemaakt. Alle dingen zijn van mij (1Kor. 3:21-23).

Ik ben wie en wat Vader zegt dat ik ben.

Ik ben een lotdeelgenieter.




Ik ben voorbestemd.

"29 omdat die Hij tevoren kent, Hij ook tevoren bestemt tot gelijkvormigheid aan het beeld van Zijn Zoon, opdat Hij de eerstgeborene zal zijn onder vele broeders,
30 en die Hij tevoren bestemt, dezen roept Hij ook, en die Hij roept dezen ook rechtvaardigt Hij, en die Hij rechtvaardigt, dezen verheerlijkt Hij ook!"

(Romans 8:29,30;HBN)

"ons tevoren bestemmend in de plaats van een zoon door Jezus Christus, in Hem, naar het welbehagen van Zijn wil,... in Hem, in Wie ook ons lot werd geworpen, tevoren bestemd zijnde naar het voornemen van Die alles werkt naar de raad van Zijn wil,"
(Efe. 1:5,11;HBN)

Ik ben voorbestemd.

Dat is wie en wat Vader zegt dat ik ben.

Ik ben voorbestemd "tot gelijkvormigheid aan het beeld van Zijn Zoon." Dat is mijn bestemming, van tevoren vastgelegd. Mijn bestemming is tevoren gesteld, tevoren vastgelegd: ik ZAL zijn zoals Hij is.

"Geliefden, nu zijn wij kinderen van God, en het was nog niet tevoorschijn gebracht wat we zijn zullen. Wij hebben waargenomen dat wanneer Hij tevoorschijn gebracht zal worden, wij zullen zijn zoals Hij is, want wij zullen Hem zien zoals Hij is."
(1Joh. 3.2;HBN)

Wie precies is de Here Jezus Christus, in Wiens beeld ik gemaakt zal worden? Hij Zelf is het "beeld van God."

"Christus, Die beeld is van God"
(2Kor. 4:4;HBN)

"Die het beeld is van God"
(Kol. 1:15;HBN)

Jezus Christus, God's Zoon, is "het beeld van God." Ik, een zoon van God, zal gelijkvormig gemaakt worden aan Zijn beeld.

"En zoals wij het beeld van de zielse dragen, zo zullen wij het beeld van de Hemelse dragen!"
(1Kor. 15:49;HBN)

"Die het lichaam van onze vernedering zal omvormen gelijkvormig aan het lichaam van Zijn heerlijkheid, naar de werking van Die Hem in staat stelt zelfs het al aan Zich te onderschikken"
(Filip. 3:21;HBN)

Paul Billheimer heeft heerlijk over deze waarheid geschreven:

"Oorspronkelijk geschapen naar het beeld van God, is de verloste mensheid verhoogd geworden door middel van een goddelijk bedacht genetisch proces ... naar de hoogste rang van alle geschapen wezens. .. Deze eenheid gaat verder dan een formele, functionele of idealistische harmonie. Het is een organische eenheid. .. Wij worden feitelijk voortgebrachte zonen van God (1Joh. 3:2), "deelnemers van de goddelijke natuur"(2Petr. 1:4;HBN) .. voortgebracht door Zijn eigen leven..."

"God wilde een familiekring hebben van Zichzelf, niet slechts geschapen, maar ook voortgebracht door Zijn eigen leven, Zijn eigen Zaad inbegrepen, door wat Christus voor ons zou doen (Efe. 1:4; ook 5:25-27, 32). Om deze persoonlijke, organische familie te verkrijgen, bedacht God het oneindig grote en oneindig wijze plan van schepping plus verlossing ... om zo "vele zonen naar heerlijkheid te leiden"(Hebr. 2:10;HBN)."

"Christus is het Prototype waarnaar alle andere zonen worden gevormd, God's doelstelling in het plan van verlossing - om een totaal nieuw en uniek ras voort te brengen, exacte replica's van Zijn Zoon met Wie Hij Zijn heerlijkheid en Zijn heerschappij zal delen, en Die een koninklijk nageslacht zal samenstellen en de heersende en administratieve staf zal vormen van Zijn eeuwig koninkrijk."

"Hoewel we het oneindig onderscheid herkennen tussen "de Zoon" en de "vele zonen" die in de familie geboren worden, is hun afstamming zodanig, dat Hij hen herkent als bonafide bloedbroeders."

"Christus is het goddelijk Prototype waar deze nieuwe soort naar wordt gemaakt. Ze moeten exacte kopieën van Hem zijn, echte genotypen. .. Als zonen van God, door Hem verkregen, in hun fundamentele zijn en natuur de genen van God insluitend, staan zij in rang boven alle andere geschapen wezens, en zijn ze verheven tot de meest sublieme hoogte die maar mogelijk is."
(Destined for the Throne, First Edition, 1975, pp. 33-37)

Dit is mijn voorbestemde bestemming.

Ik ben wie en wat Vader zegt dat ik ben.

Ik ben voorbestemd.




Door naar deel 12.



Dit artikel is hier geplaatst met de toestemming van Clyde L. Pilkington Jr.
© www.hetbestenieuws.nl