Wat is geest?
Deel 4: De identiteit van de menselijke geest

door A.E.Knoch.

(Alle Bijbelcitaten zijn, tenzij anders aangegeven, uit de Statenvertaling.)

Wat we nodig hebben is een meer nauwkeurige overdenking van Gods uitspraken. Ons denken is verhard, zodat we geen diepe indrukken ontvangen van Gods onthullingen. Dood betekent geen dood, of leven leven. Daarom willen we nogmaals de termen bekijken die door God in Zijn heilig Woord gebruikt worden. De nauwkeurigste overdenking van deze zal een oplossing voorstellen voor alle problemen van de "moderne mens."

We moeten geen problemen van de moderne wetenschap toestaan tussenbeide te komen in ons onderzoek. Sommigen willen zeggen dat de geest pas wordt gegeven bij de geboorte en dat het daarom alleen een kracht is, dezelfde in alle individuen, zonder individualiteit. Maar nog de Schrift, nog de wetenschap (indien zij de zaak inderdaad kunnen behappen) kunnen voor deze gedachte geciteerd worden. Er kan geen leven zonder zijn, daarom wordt de geest al lang voor de geboorte aan een ieder toebedeeld, wat slechts een verandering is in de wijze van leven. Omdat ziel afhangt van de eenheid van geest en lichaam, kan identiteit er niet van afhangen. Indien identiteit geheel afhankelijk is van het lichaam, dan zullen de defecten die we nu hebben essentieel zijn voor onze opstandingslichamen. Men meent dat het geheugen geheel afhankelijk is van de materiŽle substantie van onze hersenen, omdat, wanneer bepaalde delen worden verwijderd, het geheugen weg is. Deze conclusie is echter niet gewaarborgd. Het is gewoon zo dat de geest een deel heeft verloren van de substantie die nodig is voor een vol bewust bestaan. Dit bewijst niet dat geheugen afhankelijk is van het voortbestaan van hersenmateriaal. Indien dit het geval zou zijn, dan zou het niet nodig zijn te spreken over onze opstanding, of welke dan ook. De Schrift spreekt niet van "identiteit", "geheugen", enz, om wille van de simpele reden dat "opwekken" een veel betere term is en alles omvat wat deze woorden overbrengen, zonder de subtiele insinuatie van twijfel waarmee al zulke woorden gekleurd zijn.

Voor de meeste mensen is opstanding een nieuw soort schepping. God zou een totaal nieuw lichaam maken om het oude te vervangen. Dit is niet Gods gedachte. Het woord opstanding verklaart niets over de vorming of schepping van een lichaam. Het spreekt van de toestand er van. Een dode mens valt, een levende mens staat op. Het is letterlijk een OP-STAAN. Het is niet nodig dat het lichaam uiteen gevallen is om op te staan. Onze Heer werd opgewekt en stond op, hoewel Zijn lichaam nooit verval zag. Het dochtertje van JaÔrus, de weduwe van Nain's zoon en zelfs Lazarus hadden nog steeds lichamen, en toch werden ze uit de doden opgewekt. Opstanding, in de Schrift, is de toedeling van kracht aan een menselijk organisme, dat opgehouden heeft te functioneren, zodat het in staat is de zwaartekracht te overwinnen ofwel: op te staan uit de doden.

Modern denken probeert de mensheid te identificeren met de lichamelijke substantie waaruit het lichaam is samengesteld. Dit is onwetenschappelijk, om maar een van hun eigen zeer misbruikte termen te gebruiken. Ieder stukje voedsel dat we eten, iedere druppel water die we drinken, iedere teug adem die we innemen, verandert de lichamelijke toestand van onze lichamen. Toch verandert dit niet onze identiteit. Wij zijn vůůr een maaltijd dezelfde personen als er na. Ook al hebben we ons haar laten knippen of zelfs al verliezen we een been of arm, we zijn nog steeds dezelfde individuen. Zelfs de vitale organen veranderen hun lichamelijke werking in de loop van de tijd. Ook al verdwijnt geleidelijk onze lichaamssubstantie en wordt ze in de loop van ongeveer zeven jaren vervangen, we worden niet andere personen. In deze gevallen is de substantie niet de essentiŽle identificerende factor. Dit moet niet verward worden met het feit dat de grond onlosmakelijk met de mensheid is verbonden. Maar het individu wordt niet door speciale deeltjes geÔdentificeerd.

Modern denken over de opwekking van de doden bestaat nauwelijks, omdat de moderne doden last hebben van slapeloosheid - ze kunnen niet slapen! Hoe kunnen ze dan gewekt worden? Alleen al dit feit, dat de moderne gedachte geen plaats heeft voor het opwekken van de ziel, zou ons moeten doen inzien dat de moderne denkbeelden ruw en onbevredigend zijn. Men volgt Plato, terwijl men Paulus zou moeten navolgen.

"Levendmaking" is voor het modernisme niet meer dan opstanding. Verward als men is waar het de ziel betreft als de zetel van het bewustzijn, en de geest ziende als de zetel van het leven, houdt het moderne denken zich vrijwel uitsluitend bezig met "opstanding", en probeert het alles te vinden dat verbonden is met de terugkeer naar leven in deze uitdrukking. De problemen er van kunnen opgelost worden door de twee gebieden te onderzoeken van ziel en geest.

Niet materie, maar geest is de identificerende factor in de mensheid, net als in andere gebieden. Dezelfde geest die God aan ons geeft keert naar Hem terug bij de dood (Pred. 12:7). Toen de dochter van JaÔrus werd opgewekt, keerde haar geest terug en ze stond op (Luc. 8:55). Hier hebben we alle drie. Het lichaam was er, de geest was weg, maar keerde terug. Opnieuw met het lichaam verenigd werd het meisje bewust wat haar ziel betreft en ze stond op wat haar lichaam betreft. Let er op dat de geest een apart wezen was. Indien haar lichaam vergaan zou zijn, zou die alleen zijn overgebleven. Menselijke identiteit zit hem in zijn geest, die van God ontvangen wordt en die naar God terugkeert bij het overlijden, maar weer terug komt naar een lichaam bij de opstanding.

Geest kan een identiteit hebben zonder een lichaam. Een geest heeft geen vlees of botten. God is Geest. De Tegenstander is een geest. Demonen zijn geesten. Er zijn menigten wezens die geesten zijn. Anders dan de mensheid hebben zij geen lichaam nodig om te kunnen leven. Het lichaam is voor de mensheid noodzakelijk. Zonder dit heeft de geest geen leven of bewustzijn of kennis. Voordat onze geesten met onze lichamen verenigd waren, waren we niet-wezens. Wanneer hij ons verlaat bij het overlijden worden we weer zo. Toch zal dezelfde geest die we nu hebben weer de onze zijn, waarin we alle herinneringen en ervaringen opgeslagen hebben die onze identiteit vormen.

God is Geest. Hij handhaaft Zijn identiteit zonder materiŽle substantie. Veel van Zijn boodschappers kunnen mogelijk ook niet de substantie hebben die zo essentieel is voor de mensheid. Waarom kan dan onze identiteit bewaard blijven, geheel apart van het materiŽle dat onze lichamen samenstelt? Indien we een vriend ontmoeten na meer dan zeven jaren scheiding, is dat wat hem identificeerde in vroeger dagen nog steeds het zijne, ook al blijft er van zijn fysiek gestel niets over. Op dit gebied is de geest dominant. Alleen hij bepaalt de identiteit. Onder zijn knedende kracht wordt het lichaam vorm gegeven en bewaard en verandert het.

Het argument dat identiteit continuÔteit van het bewustzijn vereist, is zonder enig fundament. Het wordt ontkend door onze dagelijkse ervaring, want in onze slaap zijn we zonder bewustzijn. Hoewel we gedurende de nacht urenlang niet de minste gevoelens hebben, verstoort dit onze identiteit niet in het minst. Wij zijn dezelfde persoon, met hetzelfde verleden en hetzelfde karakter als tevoren. Hetzelfde zal waar zijn bij de opstanding. Wanneer de doden wakker worden zal er niet meer breuk in hun ervaringen zijn dan bij hen die niet sterven, maar veranderd worden. Deze vergelijking is niet een illustratie die wij kiezen. Het is veeleer de goddelijke figuur die God heeft gekozen om ons te helpen Hem te begrijpen.

En tenslotte: laten we nooit redeneren dat de geest leeft in de dood. Hij leeft net zo min als het lichaam, dat vergaat. Wij zijn geen geesten. Er kan geen levende ziel zijn buiten de eenheid van materie met geest. En de dood is niet iets dat een van de twee kan overkomen zonder de ander te raken (behalve in figuurlijke taal). De dood is het gevolg van hun scheiding. Het lichaam alleen kan niet sterven. De geest alleen sterft niet. De mens als geheel sterft. Zo ook staat niet alleen het lichaam op, noch wordt alleen de geest levend gemaakt, maar wij, die beide nodig hebben, worden opgewekt, staan op en worden levend gemaakt.

Naar deel 5: De Geest van God


Dit artikel werd hier geplaatst met toestemming van
©Concordant Publishing Concern
en mag niet zonder toestemming van deze worden overgenomen
in druk of op het internet.


©Concordant Publishing Concern